‘in mijn eierstok leeft een monster’ en andere voor Poetry International vertaalde gedichten van Galina Rymboe

62595221_10217264639721289_3826711634764627968_n

Galina Rymboe te gast op het Rotterdam Poetry International Festival 2019

Wie er, zoals ikzelf, tijdens het afgelopen Poetry International Festival te Rotterdam niet bij kon zijn om Galina Rymboe aan het werk te zien, kan hieronder de vertalingen lezen die ik op vraag van de organisatie uit het Russisch maakte (met dank aan Ann Catteeuw voor haar kritische blik).

Het gaat om de gedichten ‘Mijn vader ligt te slapen op de grond’, ‘In mijn eierstok leeft een monster’ en ‘Het boek van de teloorgang (fragment)’, die niet opgenomen waren in de bundel tijd van de aarde (Perdu, 2019). De originele teksten zijn beschikbaar op de festivalwebsite


IN MIJN EIERSTOK LEEFT EEN MONSTER

in mijn eierstok leeft een monster; complex gemaakt,
maar van mijn bloedeigen embryonale weefsels;
’s nachts laat het van zich horen,
ik word wakker en wil mezelf iets aandoen.
als vast stond dat dood kan worden gestreden,
zou mijn tweelingbroertje of -zusje, gegroeid in een klein orgaan,
vrij zijn –
in de aarde of in de organische stoffen van as . . .
ik geloof dat we enkel wanneer we weg zijn
stenen kunnen liefkozen en onze blik op bomen kunnen laten rusten,
de tijd zwijgt, afgekeerd in zichzelf
en achter het vensterglas gaat de Ruimtevaartlaan tekeer,
dronkaards uitspuwend op slijkpaadjes. ik droom
dat mijn boezem rot en dat ik dan toch vrouw geworden ben . . .
en dat alle dieren van de wereld zich door mij laten strelen.

voor het slapengaan scheen mijn zoon me op mijn buik met het lampje van mijn mobieltje.
hij gelooft dat we een raket kunnen bouwen om naar de ruimte te vliegen,
en ik krijg hem maar niet uitgelegd dat de ruimte er is voor een select clubje,
en zelfs niet nu, maar als toekomstperspectief.

dat de ruimtehuizen die hier op aarde al gebouwd worden
en de robottentoonstellingen waar hij zo dol op is
en de complexe gadgets die voor nieuwe dichters machinale poëzie produceren
gemaakt worden voor een select clubje, in naam van een select clubje,
al geen mensen meer, geen materie, maar een troebele zwerm systemen
die onze milieus als gezwellen overwoekeren.

dat er mensen zijn die geen documenten kunnen krijgen,
dat er mensen zijn die nergens heen kunnen reizen,
ze liggen als zieke monsters, in dichte kuilen gemaakt van werk en honger
hun taal is schraal

dat opeenstapelingen van regeringen als afvalbergen zijn op onze Aarde,
dat er nog wat anders bestaat dan in kamers geperste tijd,
dat lichamen nog wat anders bevatten dan woorden en gedachten . . .


MIJN VADER LIGT TE SLAPEN OP DE GROND

mijn vader ligt te slapen op de grond en wij zitten te wachten
op zijn salaris, als op een wonder, als op de Messias, als kleine kinderen,
als op het einde van de wereld,
het moment waarop we allen samen zullen vreten tot we barsten en sterven
en het aureool van de wereld aanschouwen buiten de tijd – zo zitten we te wachten,
avond na avond onze blikken persend door het enige venster in onze enige kamer, bedekt met een grijze folie tegen de zomerzon;

mijn vader ligt te slapen op de grond
in de keuken, terwijl mijn moeder, mijn zoon en ik in de kamer liggen en het is alsof we synchroon ademhalen en elkaar horen als we ’s nachts wakker worden;
in warmtekrachtcentrale TETS-5 gaan ze opnieuw door de schoorstenen
en weerklinkt hun gebulder,
en bij momenten ook het gebrul van de dikste schoorsteen
het verspreidt zich over onze wijk – alsof het uit de hemel gesprongen komt
en over onze rotte aarde raast, als een boze geest. en augustus
jaagt zijn blauwe stieren de duistere hemel door, langs drukke vuilnisbeltheuvels,
langs overwoekerde vijvers en pompeuze paleizen
van afgelegen supermarkten –
tot bij onze complexe gemeenschappen, opeengepakt in één huis, één verstandelijke stroom,
die de aarde omspoelt met idiote tranen,
en wij zitten te wachten op vaders salaris en bekvechten
omdat het er nog steeds niet is en wij de schuldigen niet gewoon kunnen vermoorden,
vragen weg te gaan; daarom willen we soms gewoon elkaar vermoorden,
wanneer augustus met zijn zwarte flonkering ons brein openscheurt,
wanneer de bomen tot leven komen en aan de rand van de stad dronkaards omhelzen,
hen wiegen, als kleintjes, om hen daarna zachtjes in de vuilnisbakken neer te laten,
wanneer de oude kat in de keuken op gedroogde dille knauwt en jankt, onduidelijk waarom net als een dier;

wij willen elkaar vermoorden, als gezin, maar slapen opnieuw in,
en zelfs in onze dromen zitten mama en ik te wachten op papa’s salaris,
om shampoo en douchegel te kunnen kopen, met mijn zoon bootje te kunnen varen,
de minibus te nemen, de bloemententoonstelling in het centrum te bezoeken,
en tot slot ook nog om te kunnen eten waar we zin in hebben, eten en nog eens eten,
zolang er nog tijd rest; en papa ligt te slapen in de keuken en te hoesten,
zijn longen openen zich niet als een scharlaken bloem, zoals in poëzie, ze klotsen vanbinnen dof, de geur van de nacht pijnigt de huid;
hij ligt te slapen en heeft zelf niets te melden over zijn salaris,
hij spreekt in zijn slaap Moldavisch met zijn broer.


HET BOEK VAN DE TELOORGANG (FRAGMENT)

de zon komt zwart op in plaats van helder, de wereld geselend, we wachten
op de gemeenschap; het einde – wij lopen als lichtdraden, ieder voor zich, ons van de plaatsen wegdenkend,
mijn mobieltje is bijna leeg, ik schrijf dit om vast te leggen: de rand van de nacht,
alsof kleverig schuim in onze ooghoeken naar beneden glijdt.
we hebben de grenzen bereikt.niemand van mijn geliefden zal de ogen openen.
niemand van de overlevenden zal dezelfde zijn.rode gezichten in oliefonteinen . . . zwartgeblakerde gebouwen . . .ik heb werelden gekend waar men van de dorst de zoute gele aarde likte,
waar men doodde zonder om te zien naar bloed
en werelden, waar men lucht in ere hield, genietend van de glinstering van zonnepanelen,
waar onder een regenboogkoepel gekoelde prosecco gedronken werd . . .
we hebben de grenzen bereikt.de laatste insecten bestuiven op verschillende uiteinden van de wereld een bruine bloemknop:haat.mijn mobieltje is bijna leeg, ik schrijf om vast te leggen: de rand van de nacht
anders, in ander gezelschap, en alweer
het boek der teloorgang dat open is gespat,
vlakbij het vuur.

De dichter Frank Keizer (uitgeverij Perdu) over Galina Rymboe:

“Galina Rymboe (1990) is dichter, feminist en activist. Ze schreef de dichtbundels De beweegbare ruimte van de omwenteling (Moskou, 2014) en tijd van de aarde (Charkov, 2018), dat in het Nederlands vertaald werd en verscheen bij Uitgeverij Perdu. Haar poëzie werd in Rusland en daarbuiten bekroond; een vertaling van haar gehele oeuvre tot nu toe naar het Engels is in voorbereiding bij Ugly Duckling Press. Dat ze de wereld rondreist met haar poëzie, is onwaarschijnlijk, zoals ze zelf toegaf in een interview in BOZAR in Brussel. Ze werd in 1990, tijdens de nadagen van de Sovjet-Unie, geboren in de Siberische industriestad Omsk, in een arbeidersgezin; iedereen om haar heen werkte in de zwaar vervuilende industrie. Een ander leven, laat staan een leven als dichter, leek onvoorstelbaar.

Met haar poëzie wil Galina Rymboe echter meer doen dan een achtergelaten milieu beschrijven. Als haar gedichten zich in een milieu afspelen, dan eerder in de betekenis die de Franse filosoof Gilles Deleuze aan dat woord geeft: een ruimte waarop allerlei ritmes, geschiedenissen en verhalen met elkaar verstrengeld raken. Haar werk is dan ook geen ontsnapping uit de wereld, maar eerder ernaartoe: een poging contact te maken met bijna vergeten herinneringen, gewoonten en oude structuren, met de rivieren die opdrogen en leven dat afsterft, de lege fabrieken en verlaten opgravingsterreinen die de ingestorte Sovjet-Unie en het huidige Russische roofkapitalisme kenmerken. In deze dystopische en gure ruïnes zoekt Rymboe naar vormen van liefde en intimiteit. Hoe verwoest ook, ze wil de “terreinen van de nederlaag”, zoals ze het in tijd van de aarde noemt, bewoonbaar maken.

Daarmee waagt deze poëzie zich aan de voorstelling van een leven voorbij het repetitieve geweld van uitsluiting, uitputting en ontginning van lichamen en werelden die ons maatschappelijke systeem bepaalt. Rymboe’s tijd van de aarde kan dan ook gelezen worden als een utopisch gebaar. Het is niet louter een verwijzing naar het tijdperk van het Anthropoceen waarin we volgens geologen en klimaatwetenschappers inmiddels leven, waarin de mens, na eeuwenlange uitputting van haar natuurlijke bronnen onuitwisbare sporen in de aarde heeft aangebracht. De tijd van de aarde dwingt ons ook om onze relatie tot de grond onder ons en tot elkaar te herzien. Vaak wordt het Anthropoceen beschreven als een grote acceleratie, de periode waarin de uitgestrekte tijdsschalen van de geologie de tijd van de mens achterhalen en hem onttronen als middelpunt van het universum. Wat Rymboe’s werk doet is net anders, omdat ze het verhaal vertelt dat erdoor overschaduwd wordt: bij haar staat niet de veroverende man-mens centraal, maar altijd al diegenen, niet eens alleen mensen, die door de drang tot vooruitgang in de steek werden gelaten en vertrapt. Haar poëzie laat juist andere ritmes klinken dan we gewend zijn, traag, polyfoon, voorbij het menselijke; het zijn precies die ritmes, zo suggereert deze schitterende poëzie, die de lezer kunnen sensibiliseren voor een leven te midden van de ineenstorting van wat we ooit beschaving noemden.”

Getagged , , , , , ,

“Te goed en op een aangename manier te complex om voor een plat politiek karretje te spannen” Enno De Witt recenseert Galina Rymboe voor Tzum

Ik heb smakelijk gelachen – in de beste betekenis van het woord – met de recensie van de door Perdu uitgegeven dichtbundel Tijd van de aarde door Enno de Witt, voor Tzum:

cover“Al na enkele bladzijden lezen in de eerste bundel van de Russische dichter Galina Rymboe die in het Nederlands werd vertaald, voor zover ik weet dan, want ik had nog nooit van haar gehoord, liet ik het boek uit mijn machteloze handen vallen en viel ik overmand door hevige emoties achterover op de divan. De djongos, die nimmer ver van mijn zijde week, woei me frisse lucht toe met de pendesak en druppelde jenever op mijn in tongen prevelende lippen. Nadat ik weer enigszins was bijgekomen raapte hij het boek op van de grond en bekeek nieuwsgierig het omslag. ‘Wat staat hier, toean?’ vroeg hij. Ik las hem auteursnaam en titel voor, en de naam van de uitgeverij, Perdu, die bijzonder klein was afgedrukt. ‘Was mijn naam geen Adipati’, zei hij dromerig, ‘dan zou ik ook Rymboe willen heten’, waarop hij met een weemoedige blik in de nevelige verte staarde, bevangen door een weemoed van levensgelatenheid. Een berusting in al het kleine aardse donkere onder die eindeloze hemel dreef om en toverde een beklemmende geheimzinnigheid. ‘Waar gaat het over, toean?’ vroeg hij. ‘Avonturen? Een held die zijn volk bevrijdt? Liefde? Krijgen zij elkaar?’ ‘Niets van dat alles, jongen’, zei ik, ‘maar laat me nu.’ Hij ontstak de olielampen en trok zich discreet binnen gehoorsafstand terug, klaar om na de geringste wenk mijnerzijds gedienstig overeind te schieten, onder achterlating van de kruik en een waterglas. Buiten maakten de jangkriks een oorverdovend kabaal. Nadat ik koortsachtig een paar glazen had geledigd voelde ik me weer in staat verder te lezen. Het was ver na middernacht toen ik in een onrustige slaap viel. Ik droomde dat ik in de schemer door een desolaat en winters landschap liep met een vrouw op mijn rug, die haar mond vlakbij mijn oor hield en onafgebroken tegen me praatte in een betoog dat volkomen logisch in elkaar zat, maar dat ik niet kon volgen. Als ik haar van me af wilde schudden klampte ze zich steviger vast, maar haar monoloog zette ze onverstoorbaar voort. Ik wist dat het belangrijk was wat ze vertelde, de oplossing van het wereldraadsel misschien zelfs, maar hoewel ik de woorden herkende en de syntaxis weinig afweek van wat ik gewend was bleef wat ze zei onbegrijpelijk. Uitgeput en badend in het zweet werd ik bij zonsopkomst wakker, terwijl buiten de buruh met gestage tred naar de dessa trokken en de vrouwen van de kraton de sambalan voor het avondmaal oelekten. Bij het ontbijt lag het boek dichtgeslagen voor me, desondanks werd ik een gestaag murmelen ingezogen, zodat ik ten langen leste het maar weer oppakte en opensloeg, op de plaats waar ik gebleven was:

de redenen van de materie zijn niet betrokken bij haar organisatie-
principe, het teken heeft niet te maken met wat het doet; en
de overblijvende betekenis houdt zichzelf zowat vast aan de delen,
zich oprollend in de diepte van een gesloten kamer, die aange-
schroefd is rondom haar bestaan binnen de soort “kamer”; het
taxonomische materiaal is verkregen in de vorm van organische
chemie van het teken uit het verleden op uitgeklapte klemborden
niet ver van een ingebeelde spoorweg; het stenen geraas van
de rivier, ofwel doorboort iets een handpalm en beweegt het zich
voort met de botten van de laatste gesteltenis; het bloed laat rode
rook ontsnappen in allerlei richtingen vanaf de lichaamsbuis;
enkel de zwarte gal van het teken schommelt in de blaas van de
handeling; ze wisselen hun handschoenen voor een nieuwe hande-
ling en houden andere buizen vast, waaruit gewoon iets slijmerigs
komt; de wet is onbetrouwbaar

Bij het doorleven van poëzie, ik heb dat in mijn bijdragen vaker opgemerkt, staat vaak de reflex om meteen maar aan het duiden te slaan ware lezing en diep gevoelde ervaring in de weg, de geest is daarvoor te druk met het herkennen van verbanden in en buiten de tekst, met ritme en eventueel rijm, woordfrequentie, mogelijkheden van betekenis, alsof het gedicht niet meer is dan een wat duur uitgevallen kruiswoordraadsel, of dat je bij een dichter die Rymboe heeft en zich vooral van prozagedichten bedient wijsneuzig naar Rimbauds Illuminations gaat zitten verwijzen. Vrijwel iedere dichter voldoet maar wat graag aan die verwachtingen, dat is prettig voor hem, zolang het maar voorzien is van voldoende herkenningstekens, bijvoorbeeld door iedere regel af te breken en veel wit op de pagina, wordt het automatisch ontvangen en gelezen als poëzie. Rymboe knalt in de eerste drie afdelingen gewoon de hele regel vol, zodat op het eerste gezicht haar gedichten op slecht geredigeerd proza lijken, tot je het al proza probeert te lezen en van een koude kermis thuiskomt. Pas bij herhaalde lezing vallen je vermoedens van patronen op, woorden en begrippen die terugkeren, gletsjers, mensen in uniform en in burger, partikels, tankers, buizen, ontploffingen, maar doordat die als het ware zijn losgerukt uit hun vertrouwde taalomgeving en in nieuwe verbanden zijn geweven die eigenlijk veel natuurlijker overkomen, waarbij Rymboe op indrukwekkend natuurlijke wijze abstract en concreet aan elkaar smeedt, ontstaat een geheel nieuwe werkelijkheid, die alleen maar verdacht veel lijkt op wat wij in ons dagelijks leven waarnemen en interpreteren als realiteit. Wanneer je als lezer zo wordt opgetild en meegenomen, wil ik maar zeggen, is het zonde om toch weer aan het interpreteren te slaan of erger nog, Rymboe voor één of ander plat politiek karretje te spannen, daar is deze poëzie simpelweg te goed en op een aangename manier complex voor. Dat hebben ze bij Perdu ook begrepen, door geen voorwoord te leveren waardoor je meteen al door een gekleurde bril aan het lezen slaat en van alles mist, maar een totaal onbegrijpelijk nawoord dat het raadsel zoals het hoort alleen maar groter maakt. Het schijnt trouwens dat Rymboe ondanks haar jeugd meer geschreven heeft, voor de vertaling daarvan moeten ze maar gauw een nieuwe crowdfundingactie starten, ik doe wel mee en de buren ook.”

Wie na het lezen van deze recensie Galina bezig wil zien, of horen, haast zich naar de 50ste editie van het Rotterdam Poetry International Festival:

rymboe_banner_w800_h800

Dichter

Galina Rymboe [Rusland, 1990]

Galina Rymboe is opgegroeid in een arbeidersomgeving in Siberië. Haar jeugd heeft haar poëzie sterk beïnvloed, zo ziet ze het als de taak van dichters om activistisch te zijn. In haar werk gaat ze op zoek naar de taal die ten grondslag ligt aan de onderdrukking van de lagere sociale klassen, om deze vervolgens te ondermijnen. Haar poëzie is zeer eigen en heeft tegelijkertijd veel gemeen met retorische teksten door de vele herhalingen en door de overtuigingskracht die ervanuit gaat. In maart dit jaar verscheen bij Uitgeverij Perdu voor het eerst een bundel van Rymboe in Nederlandse vertaling, onder de titel Tijd van de aarde.

LEZING: vrijdag 14 juni, 19:50 uur – Jurriaanse Zaal

Tijd van de aarde

Galina Rymboe
Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne
Verschenen bij uitgeverij Perdu
ISBN: 9789051881158
62 pagina’s
Prijs: € 18,95
Je kan de bundel hier bestellen en hier ontlenen.

 

Nietzsche’s image of Dostoevsky through the French translation L’esprit souterrain

tis.14.2.pbEver since poking my nose in Nietzsche’s discovery of Dostoevsky (via French translation, as he disliked him in German translation), I’ve been keen to check to what extent he was under the spell of Dostoevsky’s French translators. That was easier said than done. It took me a couple of years to conceive and write the article “The psychologization of the Underground Man. Nietzsche’s image of Dostoevsky through the French translation L’esprit souterrain“, which now has been published in the journal Translation and Interpreting Studies (14:1).

This the abstract:

dostoAfter reading L’ esprit souterrain, the first French translation of Dostoevsky’s Notes from the Underground, Nietzsche embraced Dostoevsky as a master psychologist, notwithstanding their ideological differences. This article argues that the much-discussed influence of Dostoevsky on Nietzsche can be better understood by unraveling the specific nature of the translation L’ esprit souterrain. An analysis shows that as a consequence of the adopted translation strategy, the character of the Underground Man, who in the Russian context functions as a philosophical-ideological type, becomes a purely psychological type. This is all the more important, since Nietzsche’s enthusiasm for Dostoevsky led to rereadings of Dostoevsky through a Nietzschean lens.

Here’s the introduction:

At least with regard to their stance on the Christian faith, it is difficult to name two contemporary thinkers that are as philosophically distant from each other as Friedrich Nietzsche and Fyodor Dostoevsky. Around the same age that the Russian writer declared in a letter that “if someone proved […] that Christ is outside the truth, and that it were a fact that the truth excludes Christ,” he would “rather remain  with Christ than with the truth” (quoted in Milosz 1975: 313), the philosopher with the hammer joyfully proclaimed in The Gay Science that God was dead. And still, all throughout the twentieth century and until today, both thinkers were seemingly self-evidently named in one and the same breath.

The prehistory of the mutual association of Nietzsche with Dostoevsky begins in the winter of 1886-1887, when the German philosopher, already in his forties and well-established, was staying in Nice. Perusing a bookshop, he caught sight of a work with the intriguing title L’esprit souterrain. Its author was a certain “Dostoïevsky,” whom the eloquent French critic Eugène-Melchior de Vogüé was currently catapulting into the center of the French literary debate (see Boulogne 2015). And yet, according to his own account, Nietzsche had not yet heard of him (see Stellino 2015: 23). As his many letters to friends testify, while reading L’esprit souterrain, Nietzsche promptly came under the spell of its proclaimed author, in whom he found “a bracing and incisive kindred spirit” (Love & Metzger 2016: xiv).

What Nietzsche failed to notice – how could he? – was the fact that he was not reading just a French translation of a book by Dostoevsky, but a belle infidèle. It was not until Ely Halpérine-Kaminsky (1929), one of the French translators involved, wrote openly about their translation strategy for L’esprit souterrain, that the specific nature of this edition was given any attention by Nietzsche scholars. The first one was Hans-Friedrich Minssen (1933: 16), but it took another four decades until the French target text was subjected to an analysis, this time on the initiative of Charles A. Miller (1973). During the last decades, an awareness has grown that the first book the German philosopher read “by Dostoevsky” was not just Notes from the Underground, but a highly acceptability-oriented translation thereof – to use the terminology of Toury (1995: 57). The recent edited book by Jeff Love and Jeffrey Metzger (2016) illustrates that this fact has even become a commonplace in “Nietzsche and Dostoevsky studies,” but it is largely treated as a fait divers without recognizing specific implications for Nietzsche’s overall interpretation of Dostoevsky.

Although various scholars, such as Eric V.D. Luft & Douglas G. Stenberg (1991), Yelena Gal’tsova (2008), Paolo Stellino (2015) and Geoff Waite & Francesca Cernia Slovin (2016: 15), have given inspiring contributions to this matter, no systematic attempt has yet been undertaken to assess how the translational shifts of L’esprit souterrain might have influenced Nietzsche’s general interpretation of Dostoevsky’s Notes from the Underground. With this in mind, this article begins by analyzing Dostoevsky’s original work, paying special attention to the author’s polemical intent. Secondly, by comparing the French target text and the two corresponding Russian source texts, this paper analyzes the most relevant shifts in the work by Dostoevsky introduced by his French translators and proposes a thesis for the underlying reasons and the general effect of these shifts. Then, the analysis turns to the link between L’esprit souterrain and Nietzsche’s appreciation of Dostoevsky. To conclude, new light will be shed on the much-discussed influence of Dostoevsky on Nietzsche, and, to complete the circle, attention is paid also on the influence of Nietzsche on the reception of Dostoevsky.

Article published in:

Translation and Interpreting Studies
Vol. 14:1 (2019) ► pp. 21–38

The PDF file is freely available on simple request.

Getagged , , , , , , ,

Maarten van der Graaff en Laurent De Maertelaer over Galina Rymboes “poëzie van het Anthropoceen”

rEELFqtl3I1ZjevAA_G8vg-default

Galina Rymboe

In het radioprogramma Het Nachtkastje van NPO Radio 4 vertellen schrijvers over hun literaire voorkeuren, inspiratie en guilty pleasures aan de hand van boeken die naast hun bed liggen. De voorbije week werd het nachtkastje van schrijver en dichter Maarten van der Graaff geïnspecteerd. Op 3 april 2019 legde hij uit waarom hij zo geniet van de “ontzettend goede poëzie” van Galina Rymboe. Je kan de uitzending hier beluisteren.

Een paar dagen eerder sprak ook literatuurcriticus Laurent De Maertelaer zijn appreciatie uit voor Galina Rymboes dichtbundel Tijd van de aarde, in een diepgravende recensie voor het laatste nummer van MappiLibri en zijn blog The dream life of Balso Snel:

“Haar poëzie heeft een dynamische aurale stootkracht, maar bergt evenzeer ‘een niet mindere energieke reflectie’. Het zijn schromeloos beschouwende gedichten, die een bepaalde sfeer of stemming oproepen en een ‘emotionele dreun’ verkopen, maar tegelijk aanzetten tot reflectie en bezinning”

“De taal van de onderdrukten is minstens even complex en bestaat uit veel lagen: geweld, ideologie, het duistere verleden, indoctrinatie, propaganda. Rymboe’s poëzie wil verder gaan dan de simpele weergave van haar persoonlijke geschiedenis, of het vastpinnen van begrippen als ‘solidariteit’ en ‘klassenbewustzijn’. Maar de dichter kan enkel haar gestileerde taal in de strijd werpen. Ze richt haar pijlen op het vigerende vals bewustzijn van een groot, democratisch Rusland — het ingebeelde eindspel van een simplistisch neoconservatisme, dat ieder gemeenschapsgevoel wegvaagt en vervalt in een machtsdiscours dat refereert aan tsaristisch Rusland en de Sovjet-Unie. Met haar gedichten pleit Rymboe voor een nieuwe tijd, ‘de tijd van de aarde’.”

coverGalina Rymboe is midden juni te gast op de jubileum-editie van Poetry International, het Rotterdamse poëziefestival. Kaarten kan je bestellen via de website.

Galina Rymboe. tijd van de aarde. Perdu: Amsterdam, 2019, 83 p. ISBN 9789051881158. Met een nawoord door Anna Glazova. Vertaling uit het Russisch van Vremja zemli door Pieter Boulogne. Distributie: EPO.

 

‘Am I Lovely? Of Course!’ Female poets from Russia at BOZAR, Brussels

On the occasion of the crowdfunded publication of the poetry collection ‘tijd van de aarde’, the translation from Russian into Dutch I made for the publishing house Perdu, its author, Galina Rymbu, and two other contemporary female poets from Russia, namely Vera Pavlova & Maria Stepanova, will be given the floor at BOZAR in Brussels, on Thursday 28 February 2019. Добро пожаловать!

For tickets, click here.

rymboe.png

 

And now for something completely different … Once again the same book by Dostoevsky: A (con)textual analysis of early and recent Dostoevsky retranslations into Dutch

cover_issue_2709_pt_brThe Brazil-based international journal for Translation Studies Cadernos de Tradução has brought out a special issue on “Retranslation in Context” with contributions by my respected colleagues Piet Van Poucke (UGent), Charlotte Bollaert (UGent), and Francis Mus (KU Leuven, ULiège), and many other Translation Studies scholars. I’m happy to have been able to contribute as well, with the article “And now for something completely different … Once again the same book by Dostoevsky: A (con)textual analysis of early and recent Dostoevsky retranslations into Dutch”  (download PDF file). There’s no paywall, the special issue is available online – as all our research output should be. This is the abstract of my article:

During the last 10 to 15 years, the Dutch-language book market has witnessed an increase in the number of Dostoevsky retranslations. Whereas some observers explain this development by referring to the ageing of previous translations, the translators themselves tend to justify their translations by calling them “better translations”. By offering a comparative contextual and textual analysis of early and recent Dostoevsky retranslations into Dutch, this article tries to explain the phenomena of retranslation in general and of recent Dostoevsky retranslation into Dutch in particular. It does so by going beyond the popular assumptions, which show close ties to the Retranslation Hypothesis. On the basis of a historical analysis, which shows that the first Dostoevsky retranslations into Dutch were more oriented towards acceptability than the first translations, it is argued that the concept of norms, as conceived by Gideon Toury, remains a better tool than the Retranslation Hypothesis to interpret and to explain the phenomenon of the Dostoevsky retranslations into Dutch. However, because of translators’ possibilities to go against the norms, which is illustrated through the work of contemporary Dutch translator Hans Boland, norms too fail to provide us with a full explanation.

Boulogne, Pieter. 2019. “And now for something completely different … Once again the same book by Dostoevsky: A (con)textual analysis of early and recent Dostoevsky retranslations into Dutch.” Cadernos de Tradução. Edição Regular Temática – Retranslation in Context. 39:1, pp. 117-144. DOI: 10.5007/2175-7968.2019v39n1p117 

Getagged , , , ,

Crowdfunding voor de uitgave van Galina Rymboes dichtbundel Tijd van de aarde

coverDe kleine maar dappere uitgeverij Perdu zoekt centen voor de uitgave van experimentele poëzie in vertaling. Wie er te veel heeft, kan er doneren. Het is een eerlijke deal, want in ruil krijg je de kraakverse vertaling uit het Russisch van de dichtbundel Tijd van de aarde van de dichteres Galina Rymboe die ik in opdracht van Perdu maakte.

De beste manier om met de dichtbundel kennis te maken, is hem lezen. Perdu licht alvast een tip van de sluier op:

“Galina Rymboe, een vernieuwende stem binnen de Russische literatuur, roept in haar gedichten postapocalyptische werelden op: oude structuren, herinneringsruïnes, verdrogende rivieren, verlaten opgravingsterreinen. Gewaarwordingen, abstracties en intieme momenten stromen in haar meeslepende taal in elkaar over. Ook het geheugen is in verval geraakt. Maar hoe verwoest, afgedankt of uitgewoond de werelden in deze bundel ook zijn, de dichter blijft zoeken naar manieren om naar huis terug te keren, een plek te vinden die ons kan behoeden. Tijd van de aarde is poëzie van het anthropoceen.

Over haar poëtica schreef de Russische critica Anna Glazova: “De gedichten van Galina Rymboe bezitten een basiskenmerk dat essentieel is voor de onmiddellijke werking van een poëtische tekst: ze vervoeren ons. De articulatie, de stemexpressie, de helderheid van het woord en de fonetische intensiteit penetreren meteen de gewaarwording van de lezer en slepen hem met zich mee. Tegelijkertijd staat achter hun stootkracht een niet minder energetische reflectie. In de regel gaan beschouwende gedichten gepaard met een zachte, vertrouwelijke toon, maar dat geldt niet voor deze poëzie: ze probeert geen vertrouwen in te boezemen, maar doet de voor één ogenblik ontwakende lezer opschrikken. Zo’n luide klank zou echter niet volstaan om de aandacht van de lezer te grijpen en hem met de neus op de tekst duwen, als er geen duurzaam en verwoed werk met – en aan – de taal aan vooraf was gegaan. De indikking van empathie en directheid, die rechtstreeks naar het hart van deze poëzie leidt, vormt een vreemdsoortig magnetisch veld, dat de stemming van de tekst orkestreert, en bijgevolg ook de lectuur.”

Het vertalen van haar poëzie was voor Pieter Boulogne, die eerder gedichten en essays van Kirill Medvedev en een novelle van Vsevolod Petrov uit het Russisch vertaalde, een totaal nieuwe ervaring, en een aan meditatie grenzende bezigheid.”

Meer informatie over de crowdfunding, vind je via deze link. Naar het schijnt is Perdu dankbaar voor elke donatie.

 

 

 

 

 

 

 

Getagged , , , ,

Reportage van 21Bis over “Conceptiedag” in Oeljanovsk

9948978Vorige week woensdag, 10 oktober 2018, viel me het plezier te beurt om mee te werken aan een mini-radioreportage voor mediaplatform 21Bis van Lukas De Cock, student van de opleiding journalistiek (Thomas More), over een bijzondere Russische feestdag: “conception day”. Te beluisteren via onderstaande link, inclusief tapijtje van Tsjajkovski, of via de website van 21Bis.

Getagged , , , ,

Interview met Kirill Medvedev in MO*magazine

Pieter Stockmans sprak met de Russische dichter Kirill Medvedev voor MO*magazine, ter gelegenheid van diens optreden met Nikolaj Olejnikov in BOZAR: “Door van deur tot deur te gaan merkte ik dat de steun van de mensen voor het regime van Poetin een mythe is die de neoliberale oppositie verspreidt om het eigen falen te maskeren. Mensen geven wél om hun toekomst en kunnen gemobiliseerd worden in een volksbeweging voor sociale rechten. […] Om je plaats als socialist in de Russische politiek opnieuw op te eisen moet je de wandaden van de beweging onder ogen zien, én tegelijkertijd de bevolking betrekken bij de socialistische strijd. Als mensen zien dat linkse activisten een echte strijd voeren, niet voor abstracte idealen maar voor de verbetering van het dagelijks leven, zal de afkeer van het marxisme verdwijnen.”

Op de website van MO* kan je het volledige stuk lezen.

kmmo.png

Getagged , , , ,

“Mijn vertalershonorarium” in Tijdschrift voor Slavische Literatuur

IMG_0001Het nieuwste nummer van Tijdschrift voor Slavische Literatuur (nr. 79, mei 2018), besteedt, net als het vorige, ruime aandacht aan vertaaldebuten. Hoewel ik momenteel nog in het geboortekanaal der literaire vertalers verblijf, en zelfs terug naar de baarmoeder lijk te worden gezogen, werd met zachte hand een rukje aan mijn mouw gegeven om een bijdrage te schrijven over mijn eerste literaire vertaling.

Ik ben er met plezier op ingegaan, want dat was een goede gelegenheid om in het reine te komen met het verleden: ik heb het over onkoosjere praktijken, gênante steekjes die ik heb laten vallen bij het vertalen van Poesjkin en Dovlatov en over hervertaling van Kirill Medvedev na diefstal.

De titel van het stukje is “Mijn eerste vertalershonorarium” geworden. Dat is een knipoogje naar het geniale korte verhaal “Mijn eerste honorarium” van Isaak Babel, maar daar heeft het verder weinig of niets mee te maken. Ik geloof dat Tijdschrift voor Slavische Literatuur het hele nummer binnenkort ter beschikking stelt op zijn website.

Getagged ,

Rake recensie van Biopolitiek in Gonzo Circus

“Afgehakte ledematen, bungelende darmen, een genadeloze beul en bloed dat alle kanten op spat – dit zijn geen scènes uit een obscure horrorfilm, maar beelden die Kirill Medvedev (1975) in zijn verrassende nieuwe bundel in stelling brengt om te reflecteren op de Russische politieke realteit.” zo schrijft Lisa van Vliet in het laatste nummer van Gonzo Circus (Nr. 144: pp. 49-50). Ze vervolgt:

Terwijl in zijn vorige bundel, ‘Alles…

IMG_4960


biopolitiek-medvedevKirill Medvedev. Biopolitiek. s.l.: Leesmagazijn, 2017. Met een voorwoord door Aleksandr Skidan. Vertaald uit het Russisch door Pieter Boulogne. 68 p. ISBN: 978-94-91717-45-1 

Getagged , , , , , ,

De Standaard der Letteren over De Manon Lescaut van Tourdeille: “Melancholisch portret van een man vol innerlijke onrust”

treindromen.png

Onder de titel ‘Treindromen’ bespreekt Karen Billiet in De Standaard der Letteren (9 maart 2017) de Russische novelle De Manon Lescaut van Tourdeille:

“Een klinkende naam in de Russische literatuur is hij niet, Vsevolod Petrov (1912-1978). Hij was hooguit bekend vanwege zijn werk als kunsthistoricus. In 2006 openbaarde een Russisch tijdschrift zijn novelle De Manon Lescaut van Tourdeille, nu beschikbaar in een prachtige vertaling van slavist Pieter Boulogne.

Petrov schreef het werk vermoedelijk in 1946. Hij deelde de tekst met vrienden, maar ondernam geen stappen om te publiceren. Als jongeman had hij gezien wat de avant-gardistische schrijvers in Sint-Petersburg overkwam tijdens de Grote Terreur. Wellicht bleef hij liever onder de radar. Zijn novelle stond immers haaks op het socialistisch realisme dat Stalin predikte.

Het is een tegendraadse repliek op Reisgenoten, een roman die razend populair was in de naoorlogse Sovjet-Unie. Daarin vertelde Vera Pannova over een hospitaaltrein tijdens de Tweede Wereldoorlog. De personages waren modelburgers die moedig hun patriottische plicht vervulden.

Ook bij Petrov draait het om een hospitaaltrein, maar dan wel eentje die dagenlang blijft stilstaan in het winterse landschap. De passagiers duiken als een stelletje angsthazen weg voor vijandelijke bommen en vervallen tussendoor in ruzie en geroddel. Aan boord is ook een dromerige militair met een reactionaire liefde voor Goethe.

Hij bezweert zijn angstaanvallen door in een 18de-eeuwse fantasiewereld te vluchten. De treinhalte Toerdej doopt hij om in een Bretoense stad, Tourdeille. De verpleegster op wie hij verliefd wordt, vereenzelvigt hij met Manon Lescaut. Net als het personage van Abbé Prévost houdt ze er verschillende minnaars op na. Hun idylle volgt een al even hobbelig parcours als de trein.

Petrov schept een melancholisch portret van een man vol innerlijke onrust en een wereld die omgewoeld is door de oorlog. Een mooie ontdekking.”

cover-manon-lowres


Vsevolod Petrov. De Manon Lescaut van Tourdeille. Kroniek van een liefde. Met een nawoord door Oleg Joerev. s.l.: Leesmagazijn, 2017. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne.

Lees hier de eerste hoofdstukken. Je vindt een exemplaar van De Manon Lescaut van Tourdeille in de rekken van de betere boekhandel, of in de webshop van de uitgever (of bij bol.com als je weinig geduld hebt).

Getagged , , , , , ,

Russische literair-muzikale avond in BOZAR met Kirill Medvedev, Nikolaj Olejnikov en Johan de Boose

kirill medvedev.png

Naar aanleiding van de nakende presidentsverkiezingen in Rusland nodigen Bozar en het Centrum voor Russische Studies (KU Leuven) u uit op een avond rond Russische poëzie, muziek en activisme die de controverse niet schuwt. De dichter en activist Kirill Medvedev en de kunstenaar Nikolaj Olejnikov (bekend van het collectief Chto delat) werpen een kritische blik op hun land met de middelen die ze hebben. Ze zullen niet alleen muziek maken en teksten voorlezen, maar ook debatteren met schrijver en Ruslandkenner Johan de Boose.

Praktisch

Waar: BOZAR, Ravensteinstraat, 23, Brussel
Wanneer: dinsdag 13 maart, 20:00 – 21:30
Taal: Engels
Prijs: standaard – 7 euro, -26 jaar – 5 euro
Tickets & info hier

Getagged , , , ,

Review of Brian J. Baer’s “Translation and the Making of Modern Russian Literature”

50113090

My review of Brian James Baer’s book Translation and the Making of Modern Russian Literature (2016) has just been published online in Target. International Journal of Translation Studies (John Benjamins Publishing Company).

Here is the opening thought:

“Don’t you think that approaching Russian literature from the perspective of a Translation Studies scholar poses the treat of cannibalizing Literary Studies?” This question was put to me earlier this year during an application interview for the post of professor of Russian literature at my university. Although the question was asked a bit tongue-in-cheek, perhaps for the sake of debate rather than to make a point, it is symptomatic of the lingering prejudices against literary translation studies. Sure, the institutionalization of Translation Studies has been achieved, but at the same time translation scholars still tend to be confined within frontiers in the scholarly landscape that they are not always allowed to transgress – quite ironically, since transgression is at the heart of their research topic.”

And here’s the conclusion:

“In addition to being a very well-written volume, Translation and the Making of Modern Russian Literature helps us to envisage new histories of Russian literature, in which translation is rehabilitated in its variety of productive roles.”

What is written in between the opening thought and the conclusion, is available to the current subscribers of Target at http://doi.org/10.1075/target.16114.bou.

target pic.png

 

Getagged , , , , , , , ,

“Verlangen naar zuivering” Johan de Boose bespreekt De Manon Lescaut van Tourdeille

Fijne bespreking door Johan de Boose van de novelle De Manon Lescaut van Tourdeille, die ik voor Leesmagazijn uit het Russisch vertaalde:

“Er zijn nog onontdekte meesterwerken in de literatuur. Sommige blijven zelfs decennia lang ongepubliceerd in iemands lade liggen, totdat ze eindelijk hun weg vinden naar een lezerspubliek. De Russische oorlogsnovelle De Manon Lescaut van Tourdeille. Kroniek van een liefde is zo’n chef d’oeuvre. De titel is wat omslachtig en schrikt de lezer misschien af, en de ondertitel is te gewoontjes om de lading te dekken, maar één ding staat vast: dit boek mag op de plank staan naast zijn grote voorgangers, geschreven door Anton Tsjechov, Lev Tolstoj en Ivan Toergenev. […]

Vsevolod Petrov heeft al met al een veel interessanter politiek verhaal geschreven door het niet expliciet over politiek te hebben – interessanter, universeler en dus ook tijdlozer dan de politiek correcte heroïsche bombast van Vera Panova of Viktor Nekrasov. Het geniale zit hierin dat deze novelle tegelijk ook een prachtig en ontroerend liefdesverhaal is dat – letterlijk – leest als een trein.”

De volledige recensie, verschenen onder de titel “Verlangen naar zuivering”, kan je lezen op het platform voor literaire kritiek deReactor.

mltdereactor.png


 

cover-manon-lowresVsevolod Petrov. De Manon Lescaut van Tourdeille.Kroniek van een liefde. Met een nawoord door Oleg Joerev. Leesmagazijn: 2017. Vertaling uit het Russisch.

‘Soepel vertaald meesterwerk’ – De Tijd

‘Dit boek mag op de plank staan naast zijn grote voorgangers, geschreven door Anton Tsjechov, Lev Tolstoj en Ivan Toergenev’ – Johan de Boose (deReactor)

Je vindt een exemplaar van De Manon Lescaut van Tourdeille in de rekken van de betere boekhandel, of in de webshop van de uitgever (of bij bol.com als je weinig geduld hebt).

Getagged , , , , , , , , ,