Tagarchief: leesmagazijn

Een voorproefje op Vsevolod Petrovs novelle De Manon Lescaut van Tourdeille

vp.png

Vsevolod Petrov (1912-1978)

I

Ik lag op een slaapbank, eigenlijk een brits, die in onze verwarmde wagon geïnstalleerd was. Links was er een muur, rechts lag mijn kameraad, Aslamazjan, gedetacheerd aan het militair hospitaal, net als ik. Achter hem lagen twee vrouwelijke artsen, en daarachter Levit, een apotheker. Aan de overzijde stonden dezelfde britsen, waarop ook lichamen lagen.

Beneden, onder de britsen, leefden de zusters. Dat waren ruwe meiden, voor het grootste deel achttien à twintig jaar oud. Ze kibbelden luid met elkaar en zochten ruzie met de bewoners van boven. Dan grepen ze een gitaar en in koor zongen ze alle mogelijke liederen. Op de stations knoopten ze bliksemsnelle romances aan met militairen van tegemoetkomende echelons.

Van bovenaf had ik een goed zicht op het midden van de wagon, waar het leven soepel zijn gangetje ging. Daar stond een ijzeren kachel, en allen dromden er rond samen met keteltjes. Daar lagen ook stapels brandhout, die tegelijk dienden als stoelen. Precies daar begonnen de ruzies. Iemand die naar zijn brits vertrokken was gold als afvallig van het strijdtoneel – verder dan dat viel niet weg te gaan. Als de weggegane zweeg en stil lag, dan beschouwde men hem min of meer als afwezig. Er kon zelfs op hem gefoeterd worden, zoals achter iemands rug. Daar werd geen aanstoot aan genomen. Ook om zich te verzoenen kwam men tevoorschijn bij de kachel: hier was de enige levende brandende stip in de enorme en doodse ruimte van vorst en sneeuw.

 

II

Wij reden zo lang dat we beetje bij beetje de tel van de dagen kwijtraakten. We werden overgebracht naar een nieuw front. Niemand wist waarheen we gestuurd werden. We reden van station tot station, alsof we verdwaald waren. Ze moesten ons vergeten zijn.

De trein ging voort, stond soms lang stil. Rondom lagen velden en bossen in de sneeuw, verwoeste stations. Ik hoorde vaak explosies, soms in de verte, soms bijna naast ons.

De tijd was ietwat schuin gaan lopen: hij verbond het verleden niet met de toekomst, maar leidde me ergens heen.

Rondom mij waren mensen, andere levens, nergens in aanraking gekomen met het mijne.

 

 

III

De kapiteinsvrouw – de echtgenote van kapitein Fomin, een heel grote vrouw met het gelaat van een moordenaar – nam haar aan scrofulose[1] lijdende meisje uit de dekens en gaf haar met haar grote handen onder oorverdovend gekrijs luide klappen, en daarna liet ze haar rondlopen in de wagon, en dan moest je oppassen: het meisje struikelde en sloeg brullend tegen de grond, waarop haar moeder als een boze wijfjesolifant te hulp stormde en alles verpletterde en vertrappelde wat op haar weg lag.

Levit zette zich steevast zo bij de kachel neer dat daar behalve hijzelf niemand meer kon gaan zitten; ook zijn keteltjes verdroegen geen buren op de kachel. Zijn gang door de wagon was apart: eerst zei hij ‘verontschuldigt u mij’, en dan stapte hij met zijn laarzen in iemands soep. Op zijn brits lag hij niet in de lengte, zoals iedereen, maar ietwat dwars, waarbij hij zijn benen uitvouwde over het naburige territorium van de vrouwelijke artsen. Hij sliep met zwaar gesnurk in zodra hij op zijn bres ging liggen, en in zijn slaap rolde hij naar rechts en naar links, overal tegenaan stotend, maar iemand moest maar stilletjes ‘Levit’ zeggen of hij stopte prompt met snurken en trouwens gaf hij dan een prima adequaat antwoord. De meest onschuldige aanslag – bijvoorbeeld de verplaatsing van zijn koffer – bestreed hij met vreselijk gescheld, waarbij zijn speeksel de wagon rondvloog, zodat de kachel siste, en hij begon enkel geen gevecht omdat hij niet meer de jongste was en zwak van gestel. Maar zodra hij op gepaste wijze zijn eigendom en zichzelf in veiligheid gebracht had, werd hij lief en zong hij met plezier in koor met de zusters; een enkele keer danste hij zelfs.

De vrouwelijke artsen naaiden iets.

Galopova, een al wat oudere zuster, voelde zich bij voorbaat door iedereen tekortgedaan. Het scheen haar toe dat het meisje van de Fomins van bovenaf op haar spuugde. Dat gebeurde misschien ook.

‘Wat valt er te lachen? Ik ben niet belachelijker dan jullie,’ zei Galopova wanneer iemand glimlachte.

‘We lachen helemaal niet om u,’ werd haar gezegd.

‘Ik weet wel dat jullie om mij lachen. Er is niets belachelijks aan mij,’ antwoordde Galopova.

Een andere keer nam ze een gitaar en studeerde ze haar enige lied in:

Wat sta je daar te schudden,

Ra-ammelende lijsterbes.

Het lied lukte haar allerminst. Wanneer haar gevraagd werd op te houden, zong ze het met bijzonder lijden uit tot het eind, waarna ze onmiddellijk herbegon vanaf het begin.

‘Ik ben geen greintje slechter dan anderen,’ legde Galopova uit.

Mijn buurman Aslamazjan daarentegen was een ridder. Hij sliep erg schilderachtig, op zijn rug uitgestrekt, met een arm onder het hoofd gestoken. Hij hielp iedereen bij het openen en sluiten van onze hels zware wagondeur. Overdag lag hij gewoonlijk blootsvoets op zijn brits, met zijn gespreide tenen tegen het plafond geduwd. Hij was besnord, zwartharig, gezet en sterk. Veel zusters wilden iets met hem beginnen, maar hij liet dat aan zich voorbijgaan en was even lief tegen iedereen. Ook hij was een liefhebber van koorgezangen, al is het zo dat hij nooit danste.

 

IV

De meisjes waren minder verscheiden.

Dat dacht ik tenminste wanneer ik naar hen keek vanaf mijn brits.

Ze hadden hun eigen leven, vol vogelachtige frivoliteit. Onder de britsen scharrelden, verkasten, nestelden en friemelden ze als vogels.

Hun gepraat bestond volkomen uit nogal onstuimige toespelingen en stiltes. Trouwens weerklonken er ook onversneden soldatenvloeken.

Ik kon niet meteen onderscheiden wie van hen Anja was, wie Nadja en wie Tanja. Allemaal waren ze rozig, lacherig, rap van tong. Bleek was alleen Vera Moesjnikova, de snelste, tengerste en onstuimigste. Ieder ogenblik begon ze aan iets nieuws: ze kon de kleine Lariska grijpen, het meisje van de Fomins, zich storten op haar gitaar, beslissen om al haar kledij door te nemen, die uitpakken, uitspreiden en rondgooien, dan ruzie maken met haar vriendinnen om ze dan weer te omhelzen. Op de stations sprong zij als eerste de wagon uit om ergens te verdwijnen; het gebeurde dat ze volledig achterop raakte en ons inhaalde met een of andere stoomlocomotief.

We kwamen aan in L*** en kwamen voor lange tijd vast te zitten op een opstelspoor. Daar stonden al meer militaire echelons. Soldaten wandelden in groepjes van twee en drie langs de treinen.

De meisjes begonnen uit de wagon te verdwijnen. Zelfs Galopova vond aanbidders en werd gesterkt in haar overtuiging dat ze niet slechter dan de anderen was. Langs onze wagon liepen vaak cavaleristen. Een van hen was bijzonder knap: een negentienjarige kerel in een halflange pelsjas, met sabel en sporen, met een blozend en naïef gezicht zoals die voorkomen op schilderijen die Russische adonissen uitbeelden.

‘Kijk eens,’ zei ik tegen de meisjes, ‘dat is, als je het mij vraagt, een voortreffelijke jongeman.’

Allemaal keken ze naar hem. Hij werd verlegen en ging een beetje verderop staan met zijn sabel en sporen.

’s Avonds verscheen hij in onze wagon. Voorop ging Vera Moesjnikova en leidde hem als een winnares. Hij stapte bedremmeld rond en keek verliefd naar Vera. De meisjes riepen ‘ach’. Meteen begonnen de gezangen. Anja Serova, onze beste zangeres, sperde haar mond open en blaatte als een schaap. Hij zong ook. Vera zat naast hem, opgewonden en trots.

Overigens eindigde in onze wagon alles met liederen. Men kwam bij de kachel, ging zitten op het brandhout en onze wagon begon te trillen. Alleen de vrouwelijke artsen zongen niet – uit verkeerd begrepen aristocratie. En ik, liggend op mijn brits in de hoek, stikte door aanvallen van mijn hartziekte.

 

V

Ze kwamen onverwacht opzetten, soms overdag, maar meestal ’s nachts, na een avond die doorgebracht was op oervervelende wijze, met fletse gesprekken. In het holst van de nacht werd ik wakker: ik ben mezelf niet meer, geen officier, niet die ene man – of liever ben ik enkel nu echt zuiver mezelf, zonder naam, zonder gezicht, zonder herinneringen: slechts een naakt gevoel van tegenstelling. Alles is niet-ik behalve het punt dat ik ben. Dat punt is samengebald tot een punt. In dat punt zit mijn hele doodsangst gepropt: de angst om dat punt te laten schieten. Mijn ademhaling wordt fijngedrukt. Rondom mij slaapt men. Het zou gemakkelijker zijn om in eenzaamheid te sterven, zonder ’s mensen vreselijke onverschilligheid rondom mij te voelen. Maar mijn bangheid gaat niet over hun onverschilligheid. Hier speelt een bijzondere angst. Zij zijn onverschillig omdat ze als het ware niet bestaan in het aangezicht van de dood, ze tellen niet mee. De dood is tot mij alleen gericht. Ik ben krachteloos en de dood zal mij vernietigen.

En er is nog een angst, voor mij de belangrijkste.

Ik ben dus gestorven en mijn geest verlaat mijn vlees. Waar gaat hij heen? Hij trekt dus weg uit mijn lichaam, dat hem op de wereld zet, als een kind. Als een kind is hij zwak en hulpeloos en naakt: het lichaam dekt hem niet toe. En wat als hij uiteenvloeit en zijn vorm verliest, aangetrokken, als door magneten, door de passieve zielen van de rondom mij slapende mensen? Die zielen staan halfopen en klaar om hem te ontvangen.

Mijn geest zal oplossen en in deeltjes de ziel van iedere slapende binnengaan. In ieder van hen zal er een klein stukje van mij zitten, en ikzelf zal verdwijnen.

Nee, ik moet alleen met mezelf sterven en met mijn laatste wilsinspanning de vorm van mijn geest bewaren, tot hij zelf sterk genoeg is in zijn nieuwe lot.


Scrofula[1] Scrofulose of koningszeer is een tegenwoordig zeldzame aandoening van de halsklieren, die kon leiden tot misvormingen aan het gezicht.


cover-manon-lowres

Benieuwd naar het vervolg?  Je vindt een exemplaar van De Manon Lescaut van Tourdeille in de rekken van de betere boekhandel, of in de webshop van de uitgever (of bij bol.com als je weinig geduld hebt).

Benieuwd naar de achtergrond van de auteur? Maak hier nader kennis met hem.

Vsevolod Petrov. De Manon Lescaut van Tourdeille. Kroniek van een liefde. Met een nawoord door Oleg Joerev. Leesmagazijn: 2017. Vertaling uit het Russisch. ISBN 9789491717444

Getagged , , , ,

Een woordje uitleg bij de Manon Lescaut van Vsevolod Petrov

petrov

Portret van Vsevolod Petrov door Tatjana Glebova (jaren 1930)

Ongeveer een Russisch mensenleven. Zoveel tijd zat er tussen de creatie en de publicatie van De Manon Lescaut van Tourdeille (klik hier voor een voorproefje) van Vsevolod Petrov (1912-1978). Deze oorlogsnovelle verscheen voor het eerst in 2006, in het Russische tijdschrift Novyj mir. Vorig jaar werd de novelle door uitgeverij Ivan Limach ook in boekvorm uitgebracht, toepasselijk genoeg in Sint-Petersburg, de geboortestad van de auteur. Wanneer precies Petrov zijn novelle schreef, is niet met zekerheid geweten. Vermoedelijk schreef hij ze in 1946, als reactie op de toen pas verschenen roman Reisgenoten van Vera Panova over een bont Sovjetgezelschap dat als personeel van een sanitaire trein in de Tweede Wereldoorlog een collectieve bijdrage levert aan de overwinning op de vijand.

Samen met Viktor Nekrasovs In de loopgraven van Stalingrad vormde Panova’s Reisgenoten de literaire sensatie van de onmiddellijk naoorlogse periode. Terwijl zij in 1947 bekroond werden met Stalinprijzen, respectievelijk van de Eerste en de Derde Klasse, bleef de novelle van Petrov in de lade liggen. Hij heeft het bij leven ook nooit ter publicatie aangeboden. Tijdens de zogenaamde mini-dooi, waarmee de onmiddellijke naoorlogse periode door Russische literatuurhistorici als Dmitri Bykov aangeduid wordt, of zelfs tijdens de dooi, maakte het geen schijn van kans. Daarvoor was het te compromisloos. Niet dat het een openlijke aanval bevat op de Sovjetrealiteit. Wel omdat de Sovjetrealiteit er meesterlijk in genegeerd wordt, ontkend zelfs, zowel door het hoofdpersonage als door de auteur. Symptomatisch is dat het woord ‘kameraad’ door Petrov enkel gebruikt wordt in zijn voorrevolutionaire betekenis. De Russische criticus Andrej Oeritski schreef hierover in NLO (2007, Nr. 85): ‘De Sovjetmacht is weggegomd, vergeten, van haar is geen spoor of geluid te bekennen. Ze interesseert Vsevolod Petrov niet.’ De auteur is de grootmeester van het escapisme.

Terwijl oorlog het hoofdthema is van Panova’s Reisgenoten en van Nekrasovs In de loopgraven van Stalingrad, is die in De Manon Lescaut van Tourdeille eigenlijk niet veel meer dan de setting. Het wordt uit de tekst zelf ook niet duidelijk tegen wie gevochten wordt. Meer dan een oorlogsnovelle is het een liefdesnovelle. Daarom draagt het werkje ook als ondertitel Kroniek van een liefde. In eenendertig korte, gedistilleerde hoofdstukken, schetst het de verliefdheid van een naamloze ik-persoon, te herkennen als een vertegenwoordiger van de voorrevolutionaire Peterburgse intelligentsia, die tijdens de Tweede Wereldoorlog als militair arts tewerkgesteld is in een sanitaire trein. Hij is geen positieve held in de zin van het socialistisch realisme. Hij is een individualist, die zich geen deel voelt van het collectief. Tegenover enthousiasme om te strijde ten trekken voor de Sovjetstaat, stelt hij verlammende  doodsangst. Die probeert hij te bezweren met een vlucht in de achttiende eeuw. Wanneer het treinpersoneel zich overgeeft aan gezangen, glipt hij weg om Die Leiden des Jungen Werthers te lezen – uiteraard in het Duits. Zijn vlucht uit de oorlog en uit de Sovjetrealiteit gaat gepaard met een pathetische verliefdheid op Vera Moesjnikova, een aantrekkelijke en kokette droezjinnitsa,[1] in wie hij trekken van de achttiende eeuw ontwaart. Zij doet hem denken aan de Franse koningin Marie Antoinette en meer nog aan Manon Lescaut, de frivole en promiscue heldin van de gelijknamige achttiende-eeuwse Franse schandaalroman. Die associatie is een vloek. Met de Manon Lescaut van Petrov loopt het even slecht af als met die van Abbé Prévost. Maar niet vooraleer de romantische held met haar een tijdloze plattelandsidylle beleeft in het dorpje Toerdej – dat hem Bretons in de oren klinkt, als Tourdeille. Omdat die idylle ooit bestaan heeft, al was het maar voor hemzelf, kan hij ernaar terugkeren wanneer alles is verwoest, als naar een eiland. In de novelle wordt de creatie van dat eiland op mysterieuze wijze aangekondigd: ‘De tijd was ietwat schuin gaan lopen: hij verbond het verleden niet met de toekomst, maar leidde me ergens heen.’

In het nawoord bij deze novelle (dat een prima voorwoord zou zijn, als het niet zo veel details van de plot verried) legt de emigré Oleg Joerev het belang uit van De Manon Lescaut van Tourdeille, die hij ‘een sleutel tot het raadsel van de Russische cultuurgeschiedenis’ noemt. De novelle gunt ons een blik in de parallelle literaire wereld zoals die onder Stalin bijna onzichtbaar naast de officiële literatuur bestond. Vsevolod Petrov heeft zijn werk nooit ter publicatie aangeboden, maar hij las het wel af en toe voor aan vrienden, op verjaardagen. Zelf was Petrov, die stamde uit een oud adellijk geslacht, afkomstig uit de kring rond de befaamde dichter van de Zilveren Eeuw Michail Koezmin (1875-1936), die in weerwil van de Sovjets de erfenis van het modernisme levend probeerde te houden. Het is onder diens invloed dat Petrov zelf begon te schrijven. Zijn Manon Lescaut van Tourdeille droeg hij ook op aan Koezmins nagedachtenis, waarmee hij aan de lezer of luisteraar ook meteen te kennen gaf niets met de officiële Sovjetliteratuur te maken te hebben. In de jaren dertig was hij bevriend met de avant-gardistische dichters Daniil Charms (1905-1942), Nikolaj Olejnikov (1898-1937) en andere halve en hele oberioeten. Over de eerstgenoemde heeft Petrov unieke memoires nagelaten, waarin hij schreef dat het lot hem had voorbestemd om ‘de laatste vriend van Charms te worden’. De absurdist droeg een van zijn late verhalen uit de bundel ‘Voorvallen’ op aan Petrov.

De kringen rond Koezmin en de oberioeten werden opgerold door het lot en de NKVD. Het leven van Vsevolod Petrov ging verder. Voor en na de Tweede Wereldoorlog, waaraan hij vanaf juli 1941 deelnam als militair, verdiende hij zijn brood als werknemer van het Russisch Museum. Hij werkte er als pupil van de befaamde kunstkenner Nikolaj Poenin, die hem voorstelde aan zijn toenmalige vrouw Achmatova. Ten gevolge van beschuldigingen van formalisme en een hetze tegen Poenin, werd Petrovs positie in het Russisch Museum tegen 1949 onhoudbaar. Hij slaagde erin om zich heruit te vinden tot onafhankelijk literator. Hij schreef biografieën van populaire schilders. Onder Chroesjtsjov en Brezjnev groeide hij uit tot een gerespecteerd kunsthistoricus. Nog altijd is zijn magnum opus Mir isskustva (De kunstwereld), over de gelijknamige voorrevolutionaire kunstenaarsbeweging, een standaardwerk voor Russische kunstkenners.

Toen het stoffelijk overschot van Vsevolod Petrov in 1978 werd geplaatst naast dat van zijn vader, een beroemd oncoloog, in Komarovo bij Leningrad, kende bijna niemand hem als bellettrist. Maar daarmee was het laatste woord over De Manon Lescaut van Tourdeille nog niet gezegd. Niet voor niets is het motto van deze novelle de dichtregel ‘Nog niet dood is de bekoring’, ontleend aan het gedicht ‘Ja Moezoe joenojoe, byvalo’ (1824) van de romanticus Vasili Zjoekovski. Daarin betreurt de dichter dat de inspiratie hem verlaten heeft. Niettemin is hij hoopvol, want hij wordt beschenen door de ster van het ‘Genie van de zuivere schoonheid’. De geciteerde dichtregel roept automatisch het volgende vers op, tevens de slotregel van het gedicht: ‘Het verleden zal eens herleven’. Het eilandje dat Petrov in volle Stalintijd voor zichzelf en zijn vrienden heeft gecreëerd kan nu ook aan ons ontsnapping bieden.


rm_20_434

“Droezjinnitsy van het Rode Kruis! Op het slagveld laten wij de gewonden noch zijn wapens achter.” (propagandaposter van de Sovjets uit de Tweede Wereldoorlog)

[1] In WOII sloeg de term ‘droezjinnitsy’ op vrijwel ongeschoolde vrouwen die massaal ingezet werden om gewonde soldaten van het slagveld te halen en te verzorgen. Een Sovjetpropaganda-affiche gericht aan de droezjinnitsy heeft als leuze ‘Op het slagveld laten wij gewonden noch wapens achter’.


cover-manon-lowres

Benieuwd naar het boek? Lees hier de eerste hoofdstukken, bij wijze van voorsmaakje.

Vsevolod Petrov. De Manon Lescaut van Tourdeille. Kroniek van een liefde. Met een nawoord door Oleg Joerev. Leesmagazijn: 2017. Vertaling uit het Russisch.

Je vindt een exemplaar van De Manon Lescaut van Tourdeille in de rekken van de betere boekhandel, of in de webshop van de uitgever (of bij bol.com als je weinig geduld hebt).

Getagged , , , , , , , , , , ,

De Manon Lescaut van Tourdeille is verschenen: een a-Sovjet-Russische novelle over liefde en oorlog

IMAG7245_1Mijn vertaling uit het Russisch van De Manon Lescaut van Tourdeille, een door de beroemde kunsthistoricus Vsevolod Petrov heimelijk onder Stalin geschreven novelle over liefde en oorlog, is zonet verschenen bij Leesmagazijn. Dit is de blurb:

Een hospitaaltrein reist van het ene front naar het andere. Een vreemde, tussentijdse toestand in het midden van de oorlog. Het verhaal verschijnt eerst aan ons als een utopie, of, om preciezer te zijn, als een idylle (wat natuurlijk een variëteit is van de utopie) midden in de oorlog. De oorlog als zone van utopische vrijheid en herstel van de natuurlijke toestand van de wereld – van menselijke gevoelens en verhoudingen.

“Het is een van de meest belangrijke en inhoudsvolle teksten van de twintigste-eeuwse Russische literatuur. Je zou kunnen zeggen dat het de sleutel is (of een van de sleutels, niet de enige sleutel, maar misschien wel de belangrijkste) tot het raadsel van de Russische cultuurgeschiedenis.” – Oleg Joerev

Vsevolod Petrov stamde uit een oud adellijk geslacht en was een groot kunstkenner. In 1949 werd het Russisch Museum echter gedwongen Vsevolod Petrov te ontslaan. Hij werd een ‘onafhankelijk literator’. De Manon Lescaut van Tourdeille bleef ongepubliceerd bij leven van de auteur en gedurende bijna drie decennia na zijn dood. Niet omdat Petrov van zijn novelle een geheim had gemaakt: hij toonde haar aan kennissen en las eruit voor op zijn beroemde verjaardagsfeesten, waarop talloze gasten aanwezig waren. Hij heeft het gewoon nooit aangeboden voor publicatie.

Lees hier de eerste pagina.

Je vindt een exemplaar van De Manon Lescaut van Tourdeille in de rekken van de betere boekhandel, of in de webshop van de uitgever (of bij bol.com als je weinig geduld hebt).

Getagged , , , , , , , , , , , , , , ,

Leesmagazijn bereidt Vsevolod Petrovs novelle De Manon Lescaut van Tourdeille voor

cover-manon-lowres Deze zomer verschijnt bij uitgeverij Leesmagazijn, die ook Alles is slecht van Kirill Medvedev uitgaf, mijn vertaling uit het Russisch van Vsevolod Petrovs De Manon Lescaut van Tourdeille. Kroniek van een liefde.

Het is een novelle over een arts die tijdens de Tweede Wereldoorlog is tewerkgesteld in een sanitaire trein van het Rode Leger. Hij maakt van de oorlog in volle Stalintijd gebruik om zijn eigen persoonlijke idylle te creëren. Dat doet hij door weg te vluchten in de achttiende eeuw. En ook in zijn verliefdheid op de kokette zuster Vera Moechina, die hij aanziet voor de reïncarnatie van het Franse personage Manon Lescaut.

De Manon Lescaut van Tourdeille werd kort na de Tweede Wereldoorlog geschreven, naar alle waarschijnlijkheid in 1946. De auteur, een gevierd kunsthistoricus, heeft het nooit ter publicatie aangeboden. Hij zag in dat de kloof met de officiële Sovjetliteratuur onoverbrugbaar was. Na zestig jaar in de lade gelegen te hebben, werd De Manon Lescaut van Tourdeille in Rusland ontdekt. Naar aanleiding van de publicatie roemde de emigré Oleg Joerev de novelle als ‘een sleutel tot het raadsel van de Russische cultuurgeschiedenis’. Wat hij daarmee bedoelt, lees je in het nawoord.

Bij wijze van voorsmaakje op de novelle, krijg je hier eerste regels:

De Russische schrijver en kunsthistoricus Vsevolod Petrov (1912-1979)Ik lag op een slaapbank, eigenlijk een brits, die in onze verwarmde wagon geïnstalleerd was. Links was er een muur, rechts lag mijn kameraad, Aslamazjan, gedetacheerd aan het militair hospitaal, net als ik. Achter hem lagen twee vrouwelijke artsen, en daarachter Levit, een apotheker. Aan de overzijde stonden dezelfde britsen, waarop ook lichamen lagen.

Beneden, onder de britsen, leefden de zusters. Dat waren ruwe meiden, voor het grootste deel achttien à twintig jaar oud. Ze kibbelden luid met elkaar en zochten ruzie met de bewoners van boven. Dan grepen ze een gitaar en in koor zongen ze alle mogelijke liederen. Op de stations knoopten ze bliksemsnelle romances aan met militairen van tegemoetkomende echelons.

Van bovenaf had ik een goed zicht op het midden van de wagon, waar het leven soepel zijn gangetje ging. Daar stond een ijzeren kachel, en allen dromden er rond samen met keteltjes. Daar lagen ook stapels brandhout, die tegelijk dienden als stoelen. Precies daar begonnen de ruzies. Iemand die naar zijn brits vertrokken was gold als afvallig van het strijdtoneel – verder dan dat viel niet weg te gaan. Als de weggegane zweeg en stil lag, dan beschouwde men hem min of meer als afwezig. Er kon zelfs op hem gefoeterd worden, zoals achter iemands rug. Daar werd geen aanstoot aan genomen. Ook om zich te verzoenen kwam men tevoorschijn bij de kachel: hier was de enige levende brandende stip in de enorme en doodse ruimte van vorst en sneeuw.

 

Getagged , , , , , ,

Alles is slecht in eindejaarslijstjes van De Standaard en literair weblog Tzum

2014 ligt in allerlei vormen op zijn sterfbed, ook als boekenjaar. Op de eindejaarslijstjes die het Vlaamse dagblad De Standaard en de Nederlandse literaire weblog Tzum naar aanleiding van dat nakende sterfgeval hebben opgesteld, staat ook Alles is slecht van Kirill Medvedev.

tzumVoor Obe Alkema, recensent van Tzum, was Alles is slecht het beste boek van 2014, en wel hierom:

“Het beste boek van 2014 is voor mij Alles is slecht van Kirill Medvedev. De combinatie van (kritisch) proza, poëzie en activisme zorgt voor een interessant kijkje in het Rusland van nu. Niet alleen de culturele situatie van Rusland wordt zodoende van context voorzien, ook Medvedevs eigen poëtica krijgt diepte. Die definiërende teksten geven de noodzaak van deze dichter weer en ik hoop dat dichters in Nederland ook zulke bundels met verscheidene teksten zullen gaan publiceren om eens los te komen van de vrijblijvendheid die nu zo woekert. Tenslotte is Alles is slecht een fantastische appetizer voor verdere verdieping in de contemporaine Russische literatuur. (Lees de recensie hier)”

de boose over alles is slechtToen De Standaard  (19/12/2014) aan Johan De Boose vroeg ‘Welk boek van 2014 verdient een tweede kans in 2015?’, was dit het antwoord:

“In Alles is slecht. Gedichten, essays, acties waarschuwt Kirill Medvedev (Leesmagazijn) dat de Russische maatschappij een karikaturale uitvergroting is van een totalitaire wijze van denken die ook in het Westen leeft. In Rusland is alles grootser, ernstiger en gevaarlijker: ‘We hebben een nieuw wereldbeeld nodig. Een wereldbeeld waarin het rationele en het emotionele dichter bij elkaar staan. Waarin verschillende sferen – politiek, economie, wetenschap, religie, cultuur, ethiek, natuur, techniek, het gemeenschapsleven en het privéleven – op een evenwichtige manier een worden gemaakt, zonder dat een van die sferen buitenproportioneel groot wordt opgeblazen – want dat kan tot totalitarisme leiden.'”

 


Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Haast bezwerend’ – Claudia Zeller, Absint

‘Griezelig relevant boek’ – Mark Cloostermans, Boekblad

‘Sterke poëzie’ – Maarten Buser, Literair Nederland

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Zeer de moeite waard’  – Willem G. Weststeijn, Tijdschrift voor Slavische Literatuur

‘Dit boek leest als een openbaring’ – Gie Goris, MO*

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’, ‘Het beste boek van 2014’ Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

‘Zwarte, alarmerende humor’ – Griet Menschaert, Gonzo (circus)

‘Een onherroepelijke strijdkreet van een rebelse overlever, die zijn inkt heeft vermengd met buskruit’ –Tommy van Avermaete, Irrealisten.blogspot.nl

‘Kirill Medvedev kent u van Alles is slecht’ – Gaea Schoeters, De Standaard der Letteren

‘Voor de geinteresseerden in de politiek van Rusland zeker een must’ – Hati Bell

‘Dikke aanrader’ – Martinus Bender, Avier (Onafhankelijk Literair Vlugschrift)

‘Een zegen voor de literatuur, niet alleen voor de Russische’ – Johan de Boose, Poëziekrant

‘Een onthutsend portret van een hopeloos land’ – Michel Krielaars, NRC Handelsblad Boeken

Getagged , , , , , , , ,

De Boose in Poëziekrant over Alles is slecht: ‘Een zegen voor de literatuur’

de booseIn zijn bespreking voor Poëziekrant (2014, Nr. 6, pp. 66-67), verschenen onder de titel ‘De nood aan een nieuw wereldbeeld’, noemt de Belgische slavist, schrijver en dichter Johan de Boose de bundel Alles is slecht ‘een zegen voor de literatuur, niet alleen voor de Russische’. De gedichten van Kirill Medvedev beschouwt De Boose niet echt als poëzie, maar in de auteur ziet hij wel ‘een van de grootste Russische dichters’, ‘een ziener’, en zelfs – we mogen al eens fantaseren –  ‘een puike president van de Russische Federatie’:  

De in 1975 geboren Medvedev is een bijzonder man, een buitengewoon scherp auteur en als je het mij vraagt zou hij ook een puike president van de Russische Federatie zijn. Zijn boek met de provocerende titel Alles is slecht is verplichte lectuur voor iedereen die het hedendaagse Rusland wil begrijpen. Hij analyseert haarscherp de huidige politieke en culturele situatie en neemt duidelijk stelling in tegen de gevestigde orde. […]

Medvedevs poëzie is niet hoogdravend, hermetisch of klassiek. Dat laatste is in Rusland uitzonderlijk, want veel dichters en literatuurcritici beschouwen het vrije vers als een westerse mode die wel zal overwaaien – dat heeft de befaamde dichter Aleksander Koesjner, een intimus van Joseph Brodsky, ooit tegen mij gezegd. Rusland is per slot van rekening een in wezen erg behoudzuchtige samenleving. Medvedev gaat daar helemaal tegenin. Zijn gedichten knipogen – vanzelfsprekend – naar de door hem zeer bewonderde Bukowski (waar hij voor de rest niets gemeen mee heeft) en naar Grace Paley (Amerikaanse schrijfster en politieke activiste) en Frank O’Hara (Amerikaanse avant-gardeauteur en criticus). Zijn onderwerpen zijn banaal, bijvoorbeeld verdwalen in Berlijn, meisjes die bij hem in de klas hebben gezeten, paté in een winkeltje of dildo’s, maar soms ook essayistisch, zoals wanneer hij dicht over het vertalen van Bukowski of over de poëzie van andere dichters. Zijn gedichten – je kunt discussiëren over de vraag of het ‘gedichten’ zijn, wat mij betreft zijn ze het niet – zijn in de eerste plaats aantekeningen, gedachten, momentopnames, reflecties. […] Het mooie aan zijn poëzie is dat hij soms erg onverwachte, krachtige conclusies trekt uit een triviaal verhaal.

[…] het zijn vooral Medvedevs essays die hem tot een groot auteur maken. Er staan er vijf in Alles is slecht, en het belangrijkste is zonder twijfel ‘Mijn fascisme (enkele waarheden)’, een tekst die me bijzonder fascineert. Het doet me denken aan de antitotalitaire teksten van de Poolse dichter en Nobelprijswinnaar Czesław Miłosz. Medvedev analyseert het esthetische klimaat in Rusland na de val van het communisme, vergelijkt de Russische en de westerse situatie, zet zijn ideeën in een verbluffende internationale en literairhistorische context (met verwijzingen naar Ezra Pound, Céline, Brodsky, …), fileert de ideologische versplintering en bekritiseert het genadeloze Russische consumentisme en het ongebreidelde maffiakapitalisme, dat ook de boekenmarkt heeft aangetast, en komt tot wonderbaarlijke conclusies. […]

Ik denk dat we Medvedev ernstig moeten nemen. Hij is misschien niet zo’n groot dichter, maar tegelijk is hij een van de grootste Russische dichters, een ziener, die ziet wat velen nog niet zien.

De volledige recensie kan je lezen in Poeziekrant.


Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Haast bezwerend’ – Claudia Zeller, Absint

‘Griezelig relevant boek’ – Mark Cloostermans, Boekblad

‘Sterke poëzie’ – Maarten Buser, Literair Nederland

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Zeer de moeite waard’  – Willem G. Weststeijn, Tijdschrift voor Slavische Literatuur

‘Dit boek leest als een openbaring’ – Gie Goris, MO*

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

‘Zwarte, alarmerende humor’ – Griet Menschaert, Gonzo (circus)

‘Een onherroepelijke strijdkreet van een rebelse overlever, die zijn inkt heeft vermengd met buskruit’ –Tommy van Avermaete, Irrealisten.blogspot.nl

‘Kirill Medvedev kent u van Alles is slecht’ – Gaea Schoeters, De Standaard der Letteren

‘Voor de geinteresseerden in de politiek van Rusland zeker een must’ – Hati Bell

‘Dikke aanrader’ – Martinus Bender, Avier (Onafhankelijk Literair Vlugschrift)

‘Een zegen voor de literatuur, niet alleen voor de Russische’ – Johan de Boose, Poëziekrant

‘Een onthutsend portret van een hopeloos land’ – Michel Krielaars, NRC Handelsblad Boeken

Getagged , , , , , ,

Kirill Medvedev ontvangt Andrej Belyj-prijs voor zijn Ten oorlog tegen het stadhuis

pochodOp maandag 27 oktober 2014 is bekendgemaakt dat de Moskouse dichter en activist Kirill Medvedev voor zijn eerder dit jaar bij de Vrije Marxistische Uitgeverij en Translit verschenen dichtbundel Pochod na merijoe (‘Ten oorlog tegen het stadhuis’) de prestigieuze Andrej Belyj-prijs toegekend wordt in de categorie poëzie. Dat is Ruslands oudste van de overheid onafhankelijke literatuurprijs (het eerste prijzengeld was een appel, een roebel en een fles vodka). 

Kirill Medvedev begon aan de in Pochod na merijoe opgenomen gedichten te schrijven in de nasleep van de Arabische Lente, die ook de hoop van de Russische activisten deed opflakkeren.  In het najaar van 2015 verschijnt (hopelijk) een Nederlandse vertaling van deze bundel bij uitgeverij Leesmagazijn. Een selectie gedichten van Pochod na merijoe is eerder in Nederlandse vertaling verschenen als onderdeel van het boek Alles is slecht (Leesmagazijn, 2014). Dat geldt ook voor het onderstaande gedicht, getiteld ‘Ten oorlog tegen het stadhuis’:

we hadden een vergunning gekregen
voor een antifascistische betoging,
maar niet voor een mars.
mensenrechtenactivist ponomarjov* en ik trokken naar
het stadhuis om te achterhalen waarom.
ponomarjov was razend. ik hield hem een beetje in toom.
ik zal ze leren de fascisten te laten marcheren, zei hij.
ik had niet het gevoel dat dit goed zou aflopen.
olejnik, vicehoofd van de afdeling grote betogingen,
was een pafferig hummeltje met blozende wangen.
begrijpt u, uw verzoekschrift is al behandeld,
zei hij glimlachend.
bent u in staat om een gesprek in het Russisch te voeren?
vroeg pono somber.
ik praat toch russisch met u, zei olejnik.
nee, als dit de manier is waarop u een gesprek aangaat, dan
bent u daar niet toe in staat.
met dit relletje begon het,
maar alles werd min of meer gladgestreken.
de huichelachtige glimlachjes en de diplomatie
kwamen aan zet.
kom nou, laten we elkaar begrijpen, meneer ponomarjov.
laten we dat doen, meneer olejnik.
iedereen denkt dat de mars doorgaat, zei ik somber.
het is te laat om het af te blazen. olejnik begon ons
te bestoken met decreten.
pono diende hem van repliek,
en ik verzonk een beetje in gedachten, omdat ik wist dat
wanneer twee experts

elkaar beginnen te bestoken met wetten en decreten, dat
alles dan uitdraait
op extreme oplichterij, zoals in onze rechtszalen
(en ik heb een hekel aan die oplichterij).
door het raam zag ik de moskva-rivier.
ik herinnerde me hoe op 2 oktober 1993 tijdens de nacht
voor de bestorming van het stadhuis
door de oppositie**
de smerissen ons een paar huizenblokken verder
arresteerden
zogenaamd vanwege een gebroken ruit
in het stadhuisgebouw.
op het politiebureau had ik met overtuiging verkondigd
dat wij die ruit niet hadden gebroken
en de smerissen hadden ons laten gaan.
later bleek dat ik die ruit toch gebroken had,
maar dat ik dat toen gewoon was vergeten.
o heilige dronkenschap!
wat is het makkelijk en fijn om de waarheid te spreken!
hebben jullie ooit jakhalzen horen lachen?
daar in het stadhuis dacht ik terug aan jakhalzengelach in
een abchazisch dorp.
dat is zelfs geen gelach.
het is alsof er een heel huwelijksfeest over straat rolt.
het rolt en krijst en zingt, zingt, zingt uitbundig!
in dat dorp zijn ze als de dood voor de wasberen
uit het noorden,

ze zouden wel eens de russische grens over kunnen steken.

van dit alles werd ik afgeleid door kabaal op het kantoor…
kabaal, gerinkel, mensen liepen aan,
stoelen werden omgegooid…
plotseling besefte ik dat ik in een bloedige nachtmerrie
terecht was gekomen…
ponomarjov ramde olejnik in elkaar!

ik begon om hem heen te lopen, te schreeuwen:
stop daarmee, lev, stop daarmee,
doe dat toch niet, alsjeblieft, stop daarmee!
dwars door mijn geweeklaag
klonk de stem van olejnik.
hij knorde.
daarna stopte het geknor, omdat ik in gedachten verzonk
het geluid
leek te worden uitgezet, het enige wat overbleef waren
lichtjes vertraagde
beelden.
wat ponomarjov zei heb ik dus evenmin gehoord.
maar wat zegt een man die zijn rechten verdedigt zoal
in trotse razernij?
maar hij sprak.
‘ik ken jullie, geschifte socialisten.
jullie zijn niet in staat jezelf of anderen te verdedigen.
semi-sektarisch en infantiel zijn jullie,
jullie staan niet stil bij jullie rechten.
marginale zeurpieten.
oude bibliotheekwijven.
willen jullie subcultuur of politiek?
het wordt tijd om te kiezen
wat wordt het?’
kadatsjki, de chef van olejnik,
kwam zijn hulpje niet te hulp: hij was in vergadering.
hij had olejnik opgedragen ons te ontvangen.
en hij kwam hem niet te hulp, hij bleef vergaderen.
het stuk stront.
het gevoel rechten te bezitten geeft je lichamelijke kracht,
bedacht ik, terwijl ik toekeek hoe pono

de vloer aanveegde met olejnik.
En wij linkse rakkers,
kennen onze rechten misschien niet echt
behalve misschien ons efemere recht op utopie,
de jarenlange gesprekken over revolutionair geweld hebben
ons bloed verkild
en ons veranderd
in verschraalde mossels die niet eens voor hun eigen rechten
kunnen opkomen,
laat staan voor die van een ander
dacht ik verder, lang nadat ik die hel achter mij had gelaten,
tot laat op de avond;
en die gedachte zou mij heel ver hebben gevoerd,
als ik geen email had ontvangen van ponomarjov
dat voor de mars toch geen vergunning was gegeven;
morgen opnieuw ten oorlog tegen het stadhuis.

* In de Sovjettijd doceerde Lev Ponomarjov (°1941) fysica. In de late jaren tachtig was hij een van de oprichters van de mensenrechtenorganisatie Memorial. Hij werd gesteund door Andrej Sacharov. In 1990 werd hij verkozen tot lid van de Russische doema. De afgelopen tien jaar heeft Ponomarjov hevige oppositie gevoerd tegen Poetin. Zo had hij scherpe kritiek op het proces tegen Chodorkovski, die hij als een politieke gevangene beschouwde. In maart 2009 werd Ponomarjov in de buurt van zijn huis in elkaar geslagen, maar zijn activisme is sindsdien niet verminderd. (Nvdv)

** Op 23 september 1993 ontbond Boris Jeltsin het parlement, dat hem vijandig gezind was. Het parlement beschouwde de ontbinding als ongrondwettelijk en begon een afzettingsprocedure tegen hem. Gewapende medestanders bezetten het parlement en het nabijgelegen stadhuis. Op 2 en 3 oktober braken er bloedige straatgevechten uit. Jeltsin won de slag door de inzet van tanks. Afhankelijk van de bronnen vielen er enkele honderden tot duizenden doden. (Nvdv)


Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Haast bezwerend’ – Claudia Zeller, Absint

‘Griezelig relevant boek’ – Mark Cloostermans, Boekblad

‘Sterke poëzie’ – Maarten Buser, Literair Nederland

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Zeer de moeite waard’  – Willem G. Weststeijn, Tijdschrift voor Slavische Literatuur

‘Dit boek leest als een openbaring’ – Gie Goris, MO*

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

‘Zwarte, alarmerende humor’ – Griet Menschaert, Gonzo (circus)

‘Een onherroepelijke strijdkreet van een rebelse overlever, die zijn inkt heeft vermengd met buskruit’ –Tommy van Avermaete, Irrealisten.blogspot.nl

‘Kirill Medvedev kent u van Alles is slecht’ – Gaea Schoeters, De Standaard der Letteren

‘Voor de geinteresseerden in de politiek van Rusland zeker een must’ – Hati Bell

‘Dikke aanrader’ – Martinus Bender, Avier (Onafhankelijk Literair Vlugschrift)

‘Een onthutsend portret van een hopeloos land’ – Michel Krielaars, NRC Handelsblad Boeken


Getagged , , , , , , ,

‘Zeer de moeite waard’ Weststeijn over Alles is slecht in Tijdschrift voor Slavische Literatuur

In het laatste nummer van Tijdschrift voor Slavische Literatuur (Nr. 68, pp. 78-79) bespreekt Willem G. Weststeijn, emeritus hoogleraar Russische letterkunde van de UvA, de bundel Alles is slecht van Kirill Medvedev, die hij herkent als een hedendaagse dissident:

WillemWeststeijn

Met zijn stellingname tegen de heersende orde lijkt Medvedev wel wat op de dissidente schrijvers in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw. Die streden weliswaar voor iets heel anders: grotere vrijheid, geen censuur, kunnen schrijven wat je wilt, maar ook Medvedev kun je zien als een dissident. Hij is niet tevreden met de situatie waarin de Russische literatuur verkeert en wil daar verandering in brengen. Hij loopt daarbij natuurlijk aanzienlijk minder gevaar dan de dissidenten in de Sovjettijd, die hun verzet tegen de staat vaak met langdurige kampstraf, verbanning of gedwongen emigratie moeten bekopen (denk aan Sinjavski, Brodsky en Solzjenitsyn), maar dat maakt zijn verzet er niet minder interessant om. In zijn gedichten en vooral in zijn essays, weet hij uitstekend onder woorden te brengen wat hij beoogt en wat hem drijft. Juist de manier waarop hij dat doet maakt hem een van de interessantere vertegenwoordigers van Russische literatuur anno 2014.

[…]

Alles is slecht biedt een goede indruk van wat Medvedev de afgelopen tien jaar heeft geschreven.

TSL 68 OMSLAGInteressanter nog dan de gedichten, vindt Weststeijn Medvedevs bloedeerlijke essays, waarin de dichter zijn positie uitlegt:

Hij legt zich niet neer bij de opvatting van veel van zijn mededichters en -schrijvers, dat echte kunst niets te maken zou hebben met ideologie en politiek, maar schaart zich juist achter de ideologisch bevlogenen en dan vooral hen die, zoals bijvoorbeeld Bertolt Brecht, een rechtvaardige, marxistisch-socialistische samenleving nastreven. In zijn teksten is die bevlogenheid duidelijk aanwezig, maar ontbreekt de ideologisch vooringenomenheid en scherpslijperij die zoveel ‘linkse’ literatuur kenmerkt. Zijn analyse van de situatie in de Russische literatuur en cultuur van nu en van zijn eigen positie daarin is haarscherp en verklaart ook veel van de reactie van de Russische intelligentsia op de politiek van Poetin en de recentegebeurtenissen in Oekraïne. Die reactie is er nauwelijks. De ene helft vindt het prachtig wat Poetin doet: Rusland is immers een imperium, en Poetins politiek betekent een terugkeer naar dat door de ineenstorting van de Sovjet-Unie verlore gegane imperium. De andere helft heeft zich gecorrumpeerd met het kapitalistische systeem of richt zich uitsluitend op een privéleven waarin geen plaats is voor politiek. Protest is er nauwelijks, alsof de hele intelligentsia is verlamd.

Het eindoordeel van Weststeijn over Alles is slecht:

Alles is slecht, goed vertaald en van goede noten voorzien, is zeer de moeite waard. Het is geen politiek of historisch verslag, maar literatuur, literatuur die zich richt op de werkelijkheid van nu en een uitstekend beeld geeft van de huidige Russische samenleving en van de moeilijke positie van de eenling die die samenleving wil veranderen en op het juiste spoor wil brengen.

Lees de volledige recensie in het Tijdschrift voor Slavische Literatuur (een abonnement kan je bestellen via de website van TSL, afzonderlijke exemplaren worden te koop aangeboden in boekhandel Pegasus te Amsterdam) of op door onderstaande afbeeldingen te klikken.

20141019_09551520141019_095552


Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Haast bezwerend’ – Claudia Zeller, Absint

‘Griezelig relevant boek’ – Mark Cloostermans, Boekblad

‘Sterke poëzie’ – Maarten Buser, Literair Nederland

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Zeer de moeite waard’  – Willem G. Weststeijn, Tijdschrift voor Slavische Literatuur

‘Dit boek leest als een openbaring’ – Gie Goris, MO*

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

‘Zwarte, alarmerende humor’ – Griet Menschaert, Gonzo (circus)

‘Een onherroepelijke strijdkreet van een rebelse overlever, die zijn inkt heeft vermengd met buskruit’ –Tommy van Avermaete, Irrealisten.blogspot.nl

‘Kirill Medvedev kent u van Alles is slecht’ – Gaea Schoeters, De Standaard der Letteren

‘Voor de geinteresseerden in de politiek van Rusland zeker een must’ – Hati Bell

‘Dikke aanrader’ – Martinus Bender, Avier (Onafhankelijk Literair Vlugschrift)

‘Een onthutsend portret van een hopeloos land’ – Michel Krielaars, NRC Handelsblad Boeken

Getagged , , , , , , , , , , ,

‘Dit boek leest als een openbaring’ MO* over Alles is slecht

In zijn stuk ‘Dichtbundels tegen de stilstand. Poëzie dient nergens toe’, te vinden in het hersftnummer van MO* (4 september 2014, pp. 96-97), brengt Gie Goris drie dichtbundels met elkaar in verband: Alles is slecht van de Rus Kirill Medvedev, Gedichten van de Deen met Palestijnse roots Yahya Hassan en Liefde en aarde van Tom van de Voorde. Centraal staat de vraag hoe de dichter omgaat met de wetenschap dat zijn teksten over de maatschappij die hem tegen de borst stuit die maatschappij niet veranderen:

Kirill Medvedev debuteerde in 2000 met Alles is slecht, een uitermate programmatische bundel waarin hij het literaire wereldje en de links-radicalen in Moskou op de hak nam: ‘ik ben al heel wat mensen tegengekomen / die, omdat ze zichzelf haten / vanwege hun intellectuele passiviteit, / uit alle macht proberen / haar in zichzelf te verdelgen…’ Daarmee definieerde hij meteen zijn eigen kleine oorlog, die hij ook in de jaren daarna zou blijven voeren. In Mijn fascisme schrijft hij: ‘Volgens mij mag de intelligentsia zich niet opsluiten in elitaire reservaten, niet samensmelten met de overheid of kerk, en niet opgaan in de middenklasse.’

In een later essay, In memoriam Dmitri Koezmin, vat de Russische dichter de overwegend positieve reacties op zijn gedichten en polemieken als volgt samen: ‘We mogen je wel, je bent cool, grappig, anders getalenteerd, we waarderen en respecteren je. Maar je moet niet denken dat je onze levens beïnvloedt.’ De dichter raakt de lezer, die ‘oprecht, adequaat en emotioneel omgaat met mijn tekst’, maar dat heeft niet het minste effect op oorlog of vrede, op politiek of maatschappij. ‘De invloed van de tekst op de lezer is nul komma nul’

Die vaststelling maakt Medvedev radeloos, want rondom zich ziet hij Rusland afglijden naar een nieuw autoritarisme. De “intelligentsia” laat zich al te graag gebruiken door het Kremlin onder Poetin, of ze verliest zich in impotent gedweep met het Westen. Medvedev wil die schijnbaar onvermijdelijke gang van de Russische geschiedenis openbreken met een poëtica die radicaal individueel én politiek is, die de avant-garde in het begin van de 21e eeuw opnieuw wil uitvinden. Maar dat lukt niet: zijn woeste gedichten krijgen applaus, hij wordt gepubliceerd, en daarmee houdt het op.

Als reactie op die impasse besluit Kirill Medvedev te breken met de literaire kringen waarin hij bekendheid verwierf. Hij trekt zijn verzet tegen de greep van het het [sic] systeem zelfs door tot in de radicale consequentie dat hij zijn eigen auteursrecht verwerpt, omdat het literaire establishment afhankelijk is van het oligarchenkapitalisme. De boekenindustrie noemt hij ‘een enorme business in handen van mensen die “amnestie” hebben gekregen voor hun lucratieve criminele verleden’ en ‘in belangrijke mate gesubsidieerd wordt door de olie- en gasindustrie’.

[…] het boek leest als een openbaring, althans voor wie de Russische politiek niet al jaren op de voet volgt. De afrekeningen en discussies onder literaire Russen leggen de angst en de uitzichtloosheid bloot die onder Poetin groeiden, maar die aanvaard werden als alternatief voor de angst en de chaos van de overgangsjaren onder Jeltsin. Het is geen opbeurende lectuur, zoals de titel al doet vermoeden, maar bevat louter door zijn radicale strijdbaarheid meer hoop dan alle zelfhulpboeken bij elkaar. […]

Lees hieronder de volledige bespreking (klikken om te vergroten).

MO over KirillMedvedev


 

 

Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Haast bezwerend’ – Claudia Zeller, Absint

‘Griezelig relevant boek’ – Mark Cloostermans, Boekblad

‘Sterke poëzie’ – Maarten Buser, Literair Nederland

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Dit boek leest als een openbaring’ – Gie Goris, MO*

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

‘Zwarte, alarmerende humor’ – Griet Menschaert, Gonzo (circus)

‘Een onherroepelijke strijdkreet van een rebelse overlever, die zijn inkt heeft vermengd met buskruit’ –Tommy van Avermaete, Irrealisten.blogspot.nl

‘Kirill Medvedev kent u van Alles is slecht’ – Gaea Schoeters, De Standaard der Letteren

‘Voor de geinteresseerden in de politiek van Rusland zeker een must’ – Hati Bell

‘Dikke aanrader’ – Martinus Bender, Avier (Onafhankelijk Literair Vlugschrift)

‘Een onthutsend portret van een hopeloos land’ – Michel Krielaars, NRC Handelsblad Boeken

Getagged , , , , , , , ,

‘Een onthutsend portret van een hopeloos land’ NRC Handelsblad Boeken over Alles is slecht

page3-480x688

Op vrijdag 15 augustus besprak Ruslandkenner Michel Krielaars voor NRC Handelsblad Boeken (p. 3) de bundel Alles is slecht. In zijn recensie ‘Het is de schuld van de intelligentsia’ besteedt hij vooral aandacht aan Kirill Medvedevs ‘heel scherpe’ essays, waarin hij beschrijft ‘hoe verdorven het intellectuele, morele en esthetische klimaat in Rusland is geworden’:

Poesjkins vrijheidspoëzie, Pasternaks Dokter Zjivago en de anti-Poetinpunk van Pussy Riot hebben met elkaar gemeen dat ze tegengif zijn voor de onderdrukking door de staat en de waarheid laten zien in een woud van leugens. De schrijver en dichter Kirill Medvedev (Moskou, 1975) doet dat ook. In zijn onlangs vertaalde bundel gedichten en essays Alles is slecht fileert hij zijn tijd en schetst hij een onthutsend portret van een hopeloos land.

Medvedevs gedichten doen aan de poëzie van Charles Bukowski denken, wiens werk hij heeft vertaald. Ze zijn geschreven in de vorm van het vrije vers en gaan over alledaagse dingen, zoals het kopen van twee potjes sprotpaté, ziek zijn, het ontdekken van een rubberen piemel in een kiosk, de arrogantie van snobistische filmcritici. Ze laten het alledaagse Rusland in de meest uiteenlopende kleurschakeringen zien, van lieflijk en chaotisch tot barbaars en wreed.

Heel scherp zijn Medvedevs essays ‘Mijn fascisme’ (2004) en ‘De literatuur zal worden doorgelicht’ (2007). Hierin beschrijft hij hoe verdorven het intellectuele, morele en esthetische klimaat in Rusland is geworden. Niet alleen de huidige machthebbers krijgen ervan langs, maar ook de post-Sovjetintelligentsia.

Volgens Medvedev heeft de liberale intelligentsia na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 verzaakt om een verenigende humanistische ideologie te ontwikkelen waarmee een evenwichtige samenleving kon worden opgebouwd, omdat ze alles wat niet met haar mensbeeld strookte weigerde te begrijpen. Daarentegen hebben nationalisten, conservatieven en extremisten van links en rechts elkaar gevonden in hun afkeer van het chaotische liberalisme van de jaren negentig en wél een nieuwe ideologie gevonden, zoals de reactionaire en pattriotistische denker Aleksandr Doegin laat zien. Zijn filosofie van het ‘Euraziatische imperium’ presenteert vage esoterische en zuiver racistische concepten als ‘hapklare sacrale waarheden’, die veel Russen aanspreken. Niet voor niets heeft de kleurloze Poetin Doegin tegenwoordig als huisfilosoof.

Dat de situatie in Rusland ronduit rampzalig is, blijkt ook uit Medvedevs omschrijving van de ‘vergeldingsmythe’, die veel Russen obsedeert. Opnieuw raakt hij daarbij de kern van de zaak: ‘De afgelopen vijftien jaar is de werkelijkheid zo vaak gebroken, verminkt, verkracht, zijn er zo veel juridische morele en domweg menselijke geboden en regels overtreden, hebben zo veel mensen – door het gebruik van hun intellect, macht, kennis of gewoon door hun domheid, talentloosheid en cynisme – hun handen vuil gemaakt aan allerlei stinkende zaakjes, dat het hierna nooit meer goed kan komen.’

Voor de meeste Russen en het Kremlingetrouwe deel van de intelligentsia is het daarom van belang dat alles bij het oude blijft, zodat de afrekening tot na hun dood kan worden uitgesteld.

Abonnees van NRC Handelsblad kunnen de volledige recensie lezen via deze link.


Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Haast bezwerend’ – Claudia Zeller, Absint

‘Griezelig relevant boek’ – Mark Cloostermans, Boekblad

‘Sterke poëzie’ – Maarten Buser, Literair Nederland

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Dit boek leest als een openbaring’ – Gie Goris, MO*

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

‘Zwarte, alarmerende humor’ – Griet Menschaert, Gonzo (circus)

‘Een onherroepelijke strijdkreet van een rebelse overlever, die zijn inkt heeft vermengd met buskruit’ –Tommy van Avermaete, Irrealisten.blogspot.nl

‘Kirill Medvedev kent u van Alles is slecht’ – Gaea Schoeters, De Standaard der Letteren

‘Voor de geinteresseerden in de politiek van Rusland zeker een must’ – Hati Bell

‘Dikke aanrader’ – Martinus Bender, Avier (Onafhankelijk Literair Vlugschrift)

‘Een onthutsend portret van een hopeloos land’ – Michel Krielaars, NRC Handelsblad Boeken

Getagged , , , , , , , , , ,

‘Sterke poëzie’ Literair Nederland over Alles is slecht

In zijn stuk ‘Ondertussen in Rusland’ bespreekt poëzierecensent Maarten Buser Alles is slecht van Kirill Medvedev voor Literair Nederland. Daarbij besteedt hij aandacht aan het vertaalde karakter van dit ‘mooi boek’:

Medvedevs gedichten verschillen eigenlijk niet eens zo erg van zijn essays: ook de gedichten meanderen een aantal pagina’s lang door en zijn strek politiek gericht. Tegelijkertijd is Medvedevs poëzie gewoon léuker, door haar praterige, prozaïsche karakter en prettige humor. In Rusland schijnt deze poëzie slecht ontvangen te zijn, als er al erkend werd dat Medvedeves poëzie daadwerkelijk poëzie is. In één van de beste gedichten in Alles is slecht, vindt de verteller een potje goedkope sprotpaté. Daarna gaat deze ‘ik’ de rest van de producten van de supermarkt inspecteren: ‘terwijl ik / met zorg / en piëteit / ieder product onderzocht / en me overgaf aan de lectuur / van de geraffineerde benamingen van die prachtig verpakte etenswaren, / soms deden die mijn hoofd duizelen / (er was bijvoorbeeld een product / met de naam / ‘twee regenboogforellen’)’

Deze aandoenlijke verbazing geeft de supermarkt bijna iets sprookjesachtigs. Even lijkt Medvedevs engagement verdwenen te zijn, waardoor het slot van het gedicht nog harder aankomt: ´toen ik op straat stond […] drong het tot me door hoe vaak / mijn afschuw / voor de grimas van de consumptiemaatschappij / omslaat in sentimentaliteit’.
Ook wie aanvankelijk wantrouwend zou staan tegenover de prozaïsche toon, moet erkennen dat een gedicht als dit knap in elkaar zit. (Toch gek dat er Russen zijn die dat niet zien.)

Het fijne van Alles is slecht is dat de samenstellers voor teksten hebben gekozen die Medvedevs ideeënwereld over cultuur en politiek oproepen. Hoewel in de gedichten ook duidelijk stelling wordt ingenomen en statements worden gemaakt, vormen de essays en ‘acties’ een verdere context waarin gevente ideeën functioneren. (Hierbij moet de kanttekening geplaatst worden dat geenszins gesteld wordt dat de gedichten belangrijker zijn dan de prozateksten in de bundel, maar als poëzierecensent ligt de nadruk voor mij op de gedichten.) Het is vanaf het opgeven van het copyright bijvoorbeeld maar een kleine stap naar het gedicht over vertalen. Misschien verklaart de inhoud van dat gedicht al het bestaansrecht van deze vertaalde pirateneditie van Alles is slecht. (Naar het schijnt heeft Medvedev er overigens ook geen bezwaar tegen om zijn vertalers tips te geven, hoewel hij geen toestemming heeft gegeven voor de vertalingen.)

[…]

Alleen de prominente enscenering in Rusland herinnert er aan dat Alles is slecht een vertaling is. Dat is slechts een detail, want eigenlijk is dit gewoon een Nederlands boek. De laconieke, praterige toon van de gedichten doet namelijk volledig natuurlijk aan, alsof er een Nederlander, die in Rusland heeft gewoond, tegen je aan het praten is in een café. Die Nederlander is Pieter Boulogne, die de gedichten en essays vertaalde van een Rus, een zekere Kirill Medvedev. Er kan gezegd worden dat Boulogne een mooi boek heeft geschreven: Alles is slecht. Boulognes essays zijn prima, maar vooral zijn poëzie is sterk.

Lees hier de volledige recensie.


Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Haast bezwerend’ – Claudia Zeller, Absint

‘Griezelig relevant boek’ – Mark Cloostermans, Boekblad

‘Sterke poëzie’ – Maarten Buser, Literair Nederland

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

‘Zwarte, alarmerende humor’ – Griet Menschaert, Gonzo (circus)

‘Een onherroepelijke strijdkreet van een rebelse overlever, die zijn inkt heeft vermengd met buskruit’ –Tommy van Avermaete, Irrealisten.blogspot.nl

‘Kirill Medvedev kent u van Alles is slecht’ – Gaea Schoeters, De Standaard der Letteren

‘Voor de geinteresseerden in de politiek van Rusland zeker een must’ – Hati Bell

‘Dikke aanrader’ – Martinus Bender, Avier (Onafhankelijk Literair Vlugschrift)

Getagged , , , , , ,

Kirill Medvedev. ‘ik maakte een praatje met een verkoopster…’

ik maakte een praatje met een verkoopster –

zonder bijbedoelingen –

zonder gescheld –

zonder bruuske uitvallen

niet tegen haar, niet tegen mij –

ik gaf iets

zij gaf te weinig terug –

te weinig geld.

zonder seksuele ondertoon.

speels –

maar zonder seksuele ondertoon.

iets anders zat er niet in.

zij valt op

professoren en motorrijders;

ik val op

verpleegsters van het ziekenhuis bij mij in de buurt

kleine promiscue vrouwen met hersens;

we praatten over koetjes en kalfjes

iets anders zat er niet in

maar als ik iemand anders was geweest

of als we beiden iemand anders waren geweest

en als iemand aandacht had gehad voor de smeuïge gloed

die langs ons gleed

dan zou die golf ons omver hebben geblazen

ons uit onze werelden hebben getrokken

met wortel en al

en dan zou ik

rondtollend in steriele winkelgalerijen

in een oplossing van pijnstillers

in een verkillende wereld

wellustig en vrolijk

tegen haar kunnen zeggen:

‘jonge verkoopster van groenten in het kraampje

bij de metro, je moet weten

dat je het afgelopen jaar een jaar of acht ouder

bent geworden,

je was geschminkt als een vijftigjarige hoer

en daarbij

zat je voorovergebogen, zodat je borsten

onder je blouse uit kwamen, en dat waren niet bepaald

de borsten die je had als twintigjarige (of hoe oud was je

vorig jaar?);

weet je waar ik aan moest denken?

naar het schijnt gebruikten italiaanse prostituees sperma

als verjongingscrème – ze smeerden er hun borsten

en gezicht mee in,

dus stel nu even dat ik dat ronde, pafferige, verdorven

gezichtje van jou

dat staaltje plebejische schoonheid,

in zou wrijven met zoveel sperma als ik

in mijn dromen doe

misschien zou je er dan minder belabberd bij lopen

maar dat is niet gebeurd en dat zat er ook niet in

want allemaal lopen we als slachtvee rond

met onze illusies

en er is niets waar we elkaar echt mee kunnen helpen.’

 

[Uit de bundel ‘Liefde, vrijheid, eerlijkheid, solidariteit,
democratie, totalitarisme’, Alles is slecht, pp. 160-161]

 


Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Haast bezwerend’ – Claudia Zeller, Absint

‘Griezelig relevant boek’ – Mark Cloostermans, Boekblad

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

‘Zwarte, alarmerende humor’ – Griet Menschaert, Gonzo (circus)

‘Een onherroepelijke strijdkreet van een rebelse overlever, die zijn inkt heeft vermengd met buskruit’ –Tommy van Avermaete, Irrealisten.blogspot.nl

‘Kirill Medvedev kent u van Alles is slecht‘ – Gaea Schoeters, De Standaard der Letteren

Getagged , ,

‘Een Onvermijdelijk Boek’ Tommy van Avermaete over Alles is slecht

Onder de titel ‘De onherroepelijke strijdkreet van Kirill Medvedev’ publiceerde Tommy van Avermaete op 3 juli 2014 de onderstaande bespreking van de bundel essays en dichtwerk Alles is slecht op de blogspot van de Irrealisten.

Vandaag, de eerste dag na de verhuizing, bezocht ik Leiden. Daar heb ik bij Van Stockum -het was natuurlijk onvermijdelijk, het is een onvermijdelijk boek- Alles is slecht van Kirill Medvedev gekocht. Het ondermijnt de eigen titel, want goed mag het bepaald genoemd worden. Behalve essays en nieuw-oprechte verzen, bevat het ook ‘acties’, d.w.z. verslagen van demonstraties (voornamelijk eenmansacties).  Het is natuurlijk een vrij aardig idee om dergelijke verslagen te schrijven: als de kranten niet over mijn demonstraties schrijven, dan doe ik het zelf wel, moet de Russische Bukowski gedacht hebben (het is wachten op ‘Rancière on Medvedev’: Redistribution of the Sensible 2.0!).

Overigens heeft het boek nu al een Kleine Persoonlijke Geschiedenis. Door de ordeloosheid en chaos van de verhuizing was ik vandaag bepaald niet de aandachtigheid zelve. Op de terugweg van Leiden naar Den Haag stapte ik al een station te vroeg uit (Laan van NOI). Toen ik vervolgens eindelijk de sprinter naar Den Haag in stapte, zag ik door het raam van de trein het Van Stockum-tasje met daarin mijn boek. Tegen al mijn onstandvastige wantrouwen jegens de mensheid in nam ik de trein terug om het tasje weer op te halen, en zowaar!, het lag daar nog. Ik weet alleen niet of ik nu meer of minder vertrouwen in ‘de’ mensen heb gekregen. Meer zou kunnen, want de mensen stelen het boek niet (al ligt mijn sympathie onverdeeld bij de boekendief); minder zou kunnen, omdat de mensen van onze illiterate monarchy blijkbaar dusdanig onverschillig zijn tegenover de literatuur dat ze zelfs het hoofd afwenden als een Onvermijdelijk Boek als dat van Medvedev hun gratis wordt aangeboden. Die laatste optie veronderstelt alleen wel een verheffingsideaal dat ik niet deel.

Dat Alles is slecht na bovenstaand tafereel niet in andermans handen maar in die van mij ligt, maakt in zekere zin van het boek een overlever, en zo leest het ook: als een onherroepelijke strijdkreet van een rebelse overlever, die zijn inkt heeft vermengd met buskruit.


Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Haast bezwerend’ – Claudia Zeller, Absint

‘Griezelig relevant boek’ – Mark Cloostermans, Boekblad

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

‘Een onherroepelijke strijdkreet van een rebelse overlever, die zijn inkt heeft vermengd met buskruit’ – Tommy van Avermaete, Irrealisten.blogspot.nl

‘Kirill Medvedev kent u van Alles is slecht‘ – Gaea Schoeters, De Standaard der Letteren

Getagged , , , ,

‘Griezelig relevant boek’ Mark Cloostermans (Boekblad) over Alles is slecht

In zijn column ‘Doorlezen of niet?’ van 2 juli 2014 op Boekblad.nl bespreekt Mark Cloostermans, literair recensent voor De Standaard en boekblogger, Alles is slecht van Kirill Medvedev:

Buzz? Nee en dat is raar. Per slot van rekening is Medvedevs poëzie even direct, rauw en kritisch als de Gedichten van Yahya Hassan. Maar die laatste is een hype, succesvol geframed als literaire islamkritiek (naar verluidt: onterecht), terwijl de Poetin-kritiek van Medvedev onopgemerkt passeert.

Vooroordeel van de dag? Ik mag de nog jonge, kleine uitgeverij Leesmagazijn wel. Een fonds dat onbekende Duitsers, woedende pamfletten en een opvallende vormgeving combineert met de pesterige slogan ‘Koop alleen boeken die uw vrienden ook niet lezen’? I like.

[…]

Hoe gelezen? Geboeid. Met ontsteltenis. En verwarring.

Wat dat tweede betreft: Alles is slecht is een schreeuw vanuit een dictatuur. Medvedev schrijft in een context die aan het onwaarschijnlijke grenst. Waarin cultuurdragers zich niet alleen associëren met de macht (dan doen ze overal) maar ook met fascistische stromingen in de maatschappij, waarin advocaten en journalisten worden doodgeschoten zonder dat iemand om hen maalt, een sfeer van ‘culturele bewusteloosheid’ die doet vrezen dat er in Rusland niets is veranderd sinds de laatste tsaar uit het zadel gelicht werd.

En dus ook: verwarring. Want Medvedevs wereld is er één waar je als niet-Rus, ondanks de 74 voetnoten, maar amper in doordringt. Het openlijke en gewelddadige fascisme, dat laat zich nog begrijpen. Maar wat moeten we precies vinden van de schreeuwpubers van Pussy Riot, of de zich in druk- en hoofdletters uitdrukkende dichters als Medvedev?

Doorlezen? Ja, want Medvedevs essays boeien me zeer. Griezelig relevant boek, dit.

Lees hier (pdf) of hier (blog van Mark Cloostermans) de volledige bespreking van Alles is slecht in Boekblad.


Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Haast bezwerend’ – Claudia Zeller, Absint

‘Griezelig relevant boek’ – Mark Cloostermans, Boekblad

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

‘Kirill Medvedev kent u van Alles is slecht‘ – Gaea Schoeters, De Standaard der Letteren

Getagged , , , ,

‘Een scherp beeld van het hedendaagse Rusland en al zijn weerbarstigheden’ Absint over Alles is slecht

Claudia Zeller bespreekt Kirill Medvedevs Alles is slecht in Absint (2014, Nr. 13, pp. 36-37),  het tweemaandelijks tijdschrift over neerlandistiek van de UvA:

Als een van de kritische stemmen in het huidige politieke en poëticale debat in Rusland levert Kirill Medvedev scherpe kritiek op de stand van zaken. Dit doet hij zowel in woord en in daad. Zo verwierp hij in 2004 het auteursrecht van zijn teksten. De bundel Alles is slecht, een selectie van Medvedevs poëzie, essays, en acties, in vertaling van Pieter Boulogne verschenen bij Leesmagazijn, is dan ook een soort pirateneditie. In zekere zin is deze uitgave programmatisch. Nederland kent, met de Russische Bibliotheek van uitgeverij Van Oorschot, een rijke traditie van zorgvuldigde vertalingen van zowel de Russische klassiekers als de dissidentenliteratuur. Tijdens de Koude Oorlog was het uitgeven van in Rusland verboden literatuur ook een politieke daad die enerzijds als daad van vrijheid, als verdediging van het recht op vrije meningsuiting, en als daad van verzet tegen censuur kon worden opgevat, maar anderzijds ook de verhoudingen tussen Oost en West op scherp zette. Door de combinatie van essays, acties en poëzie worden veel van de processen die in het hedendaagse Rusland spelen niet alleen toegankelijk, maar ook inzichtelijk. […]

De toon van Medvedev is urgent, bij vlagen zelfs bijtend, en steeds lijkt er meer dan ‘slechts’ taal op het spel te staan. […]

De poëzie van Medvedev is niet slechts geëngageerd. Door de vrije versvorm zonder al te veel interpunctie werken de gedichten haast bezwerend, als raaskallende monologen die steeds dreigen te ontsporen maar uiteindelijk toch door de dichter in toom worden gehouden. Vooral in combinatie met de bij vlagen doorwrochte essays schetst Alles is slecht daarmee een scherp beeld van het hedendaagse Rusland en al zijn weerbarstigheden.

Lees hieronder de volledige recensie:

MedvedevAbsint1 MedvedevAbsint2 (2)


 

Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Haast bezwerend’ – Claudia Zeller, Absint

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

‘Kirill Medvedev kent u van Alles is slecht‘ – Gaea Schoeters, De Standaard der Letteren

 

 

 

Getagged , , , , , , , , ,

Het beroepsgeheim van Kirill Medvedev in De Standaard der Letteren

kminsdr20.6.2014

Op vrijdag 20 juni 2014 publiceerde De Standaard der Letteren (p. 16) in de rubriek ‘Beroepsgeheim’ een interview van Gaea Schoeters met Kirill Medvedev, ‘die u kent van de onlangs verschenen bundel Alles is slecht‘, over zijn schrijfgewoontes (die meermaals gewijzigd zijn naargelang zijn levensomstandigheden). Daarin zegt hij onder meer dit, over het welslagen van een kunstwerk:

Een geslaagd kunstwerk is altijd een toevalligheid – een toevallig samengaan van de meest uiteenlopende omstandigheden en stromen. Daarin zit de bekoring van kunst vervat, haar capaciteit om vrij te zijn van alle pragmatische overwegingen – commerciële, propagandistische, of andere. Dit toeval kan nooit afgedwongen worden, maar opdat het plaats zou kunnen vinden, moet je voortdurend werken aan jezelf, je verstandelijke vermogens, gevoelens en levensstijl, ook op een bewuste manier.

Abonnees van De Standaard kunnen het volledige interview lezen via deze link, anderen moeten het stellen met de bovenstaande foto (die je kan vergroten door er op te klikken).

 

 


 

Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

 

Getagged , , , , ,

‘Indringende visie op post-Sovjet Rusland’ Cutting Edge over Alles is slecht

Annelies Omvlee bespreekt Alles is slecht voor het online magazine over cultuur Cutting Edge, waarin ze zich afvraagt of het “überhaupt ethisch is een mening te hebben over een boek dat is uitgegeven zonder toestemming van de auteur”:

Is het überhaupt ethisch een mening te hebben over een boek dat is uitgegeven ‘zonder toestemming van de auteur’? Ook al is dat de uitdrukkelijke wens van de auteur – Medvedev is een rasechte Marxist die niets van de kapitalistische, door multinationals gestuurde uitgeverswereld wil weten? […]

Medvedev neemt geen blad voor de mond, en schrijft in zijn eigen rauwe wijze een aanklacht over alles wat enigszins naar Sovjet of bohemien riekt. […]

Weinig ontsnapt aan de aandacht van zijn pen. Niet alleen in poëtische vorm, ook essays en beschrijven van zijn (meestal) eenmansacties zijn terug te vinden in ‘Alles is slecht’.

Toch is het met name zijn poëzie dat, al dan niet bedoeld, aanspreekt op het gevoel van de lezer. Juist door de niet-gestandaardiseerde, en door velen als ongecultiveerd geziene, vorm, spreken zijn woorden recht tot het hart. Zeker liefhebbers van Bukowksi of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op. Moeilijker zal het zijn voor degenen die geen marxistische of op zijn minst socialistische achtergrond hebben, daar al zijn betogingen toch duidelijk vanuit die hoek geschreven zijn. Niettemin maakt Medvedev een scherpe en vaak ook terechte analyse van de huidige Russische maatschappij. […]

‘Alles is slecht’ is een interessante kijk in post-Sovjet Rusland en een must-read voor alle activisten en rebellen in spe.

Lees hier de volledige bespreking van Alles is slecht in Cutting Edge.


Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

 

Getagged , , , , , , , ,

‘Zonder medeweten van Medvedev’ De Tijd over Alles is slecht

29.250

Erik Ziarczyk recenseert Alles is slecht in het Vlaamse dagblad De Tijd (9/6/2014):

De Russische dichter en activist Kirill Medvedev moet zowat de enige schrijver zijn die blij is met een piraateditie van zijn werk. ‘Alles is slecht’ is een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist. […]

Zo diepgravend de essays van Medvedev bijwijlen zijn, zo alledaags zijn zijn gedichten. Hij gebruikt vrije verzen, zodat zijn poëzie een bedrieglijke terloopsheid krijgt. Zoals in zijn debuutbundel ‘Alles is slecht’: ‘ik weet niet waarom / ik ben gaan werken / in de nachtclub sexton / toen ik achttien jaar was / ik kreeg niet veel betaald / (al mocht ik de lege flessen inruilen / voor statiegeld); ik kwam er werken / als schoonmaker / in die tijd waren er in moskou nog niet erg veel / nachtclubs / en sexton gold toen als / het sodom en gomorra’.

In zijn latere gedichten komt al wat meer maatschappijkritiek naar boven. Zoals in het titelloze gedicht uit de cyclus ‘Voor de eeuwigheid’ uit 2005: ‘ik sta te bladeren in een boekje / van een jonge peterburgse dichter, / met een lachwekkende irritatie, / sympathie, / en vederlichte ironie, / observeer ik / wat deze stad heeft voortgebracht, / alsof ze aan de bron van de poëzie zelf zit, / aan het ijs van de wereld, / alsof ze erop is aangesloten met een speciale / zij het sterk verontreinigde / afvoerpijp.’

Medvedevs werk leunt dicht aan bij dat van de cultschrijver en notoire zuipschuit Charles Bukowski, die hij trouwens in het Russisch vertaalde. Medvedev is in levensstijl de tegenpool van de Amerikaans. Of zoals hij schrijft: ‘Ik drink zelden alcohol, leid geen losbandig seksleven en heb de jongste vijf jaar geen drugs gebruikt. Maar ik loop over van idealisme. En dat is veel gevaarlijker dan drugs, alcohol, satanisme, kannibalisme, coprofagie en necrofilie.’

Lees hier de volledige recensie die De Tijd aan Alles is slecht wijdt.


Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’ – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

 

Getagged , , , , , , ,

‘Wat is jouw fascisme?’ Jesse van Amelsvoort (8WEEKLY) over Alles is slecht

Jesse van Amelsvoort bespreekt Alles is slecht van Kirill Medvedev in 8WEEKLY (2/6/2014), geeft het vier en een half sterretjes en stelt de vraag ‘Wat is jouw fascisme?”:

Twee thema’s komen constant terug in Medvedevs verzet, zo ook in deze bundel. Ten eerste is dat zijn afkeer van de hedendaagse Russische intelligentsia, die zich in zijn ogen niet kritisch en onafhankelijk genoeg opzet. Ze waren – en zijn – te liberaal en te rechts. Daarbij miskennen ze in zekere zin wat je zou denken dat ze wel zouden zien (om David Foster Wallace’ analogie te gebruiken: het water waar ze in zwemmen): het marxisme. In lange essays en acties onderzoekt Medvedev hoe dit heeft kunnen gebeuren.

Daarnaast is Medvedev continu op zoek naar een juiste omgang met zijn kunstenaarschap. Schrijft een schrijver voor zichzelf? Of draagt hij een zekere verantwoordelijkheid? Is een kunstenaar, kortom, een privépersoon of ook een publiek figuur? En hoe zit het met politiek en kunst? De Sovjetheersers waren meester in het voor hun karretje spannen van moderne kunst, en een dergelijk fascisme dreigt nog steeds overal. Medvedev schrijft erover in mooie en tot denken aanmoedigende essays als ‘Mijn fascisme’, ‘In memoriam Dmitri Koezmin’ en ‘De literatuur zal worden doorgelicht’. ‘Iedereen heeft zijn eigen fascisme,’ waarschuwt hij.

[…] In zijn essays verschaft Medevedev zeker veel inzicht in zijn maatschappij, in dat grote, vaak rare en inderdaad onbegrijpelijke land. Maar neem zeker ook zijn ritmische, kabbelende, uitdijende gedichten tot je. Wat is jouw fascisme?

Lees hier de volledige recensie.


 

Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’ – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

 

Getagged , , ,

Alles is slecht. Nawoord van de vertaler

Voor wie geïnteresseerd is in het Rusland van de eenentwintigste eeuw, voor wie zijn beeld wil aanscherpen van de cultuurhistorische context waarin Pussy Riot een punkgebed hield in de Christus Verlosserskathedraal van Moskou, de kunstenaar Pjotr Pavlenski uit protest tegen de politieke onverschilligheid van zijn landgenoten zijn scrotum aan het plaveisel van het Rode Plein nagelde, en Aleksej Navalny van anticorruptieblogger uitgroeide tot een voor het Kremlin te duchten oppositieleider, kunnen de in deze bundel opgenomen essays erg verhelderend zijn. Misschien nog wel meer verhelderend dan alle berichten die hierover in onze traditionele media zijn verschenen bij elkaar – ook al is Kirill Medvedev niet de spreekbuis van Pussy Riot of Pavlenski, en al helemaal niet van Navalny. Ook als dichter vertegenwoordigt Medvedev alleen zichzelf, maar met name zijn Amerikaanse critici brengen hem graag in verband met de cultschrijver Charles Bukowski:

his poetry recalls the colloquial free verse of Grace Paley, Frank O’Hara, and Charles Bukowski

– Robert P. Baird, newyorker.com

Mr. Medvedev’s unrhymed, come-as-you-are poems (he is a translator of Charles Bukowski) reject romanticism
of any sort.

– Dwight Garner, nytimes.com

What Medvedev has in common with Bukowski is an absence of compromise, honesty (…), and a disdain for
the various fine clothes and perfumes that poems are sometimes made to wear.

– Joe Linker, joelinker.wordpress.com

Ondanks de markante verschillen in levensstijl en denken (tegenover het gezuip van Bukowski staat het politieke engagement van Medvedev) is de vergelijking tussen beiden niet vergezocht; niet alleen is Medvedev de eerste Russische vertaler van Bukowski, hij werkt deze vergelijking ook zelf in de hand:

vertalen is volgens mij
alleen de moeite waard
als je volledig
kunt versmelten
met de schrijver
onder iedere regel
je eigen naam plaatsen
zijn schreeuw
opvangen en versterken
dat had ik bijvoorbeeld
bij het vertalen van
een amerikaan
een zekere charles bukowski

[…]

Na een voordracht tijdens een poëziewedstrijd in Rome wandelde ik eens volmaakt gelukkig door de stad, als een beroemde gastartiest, voor de ene helft Jevtoesjenko en voor de andere helft Bukowski, als een vip (en tegelijkertijd als een kind), met een enorme fles bier in de hand die mijn reisgezel (een Zwitserse dichteres) in ontsteltenis bracht.

Stilistisch hebben Medvedev en Bukowski veel met elkaar gemeen. Het valt te vermoeden dat Medvedevs ervaring als vertaler van Bukowski hem heeft aangemoedigd Russische poëzie in het vrije vers te gaan schrijven: gedichten zonder rijmschema, regelmatige strofebouw of vast metrum.

In de jaren negentig werd verlibr (afgeleid van het Franse ‘vers libre’) in Rusland een van de meest verspreide dichtvormen, met name dankzij niet-professionele schrijvers. Russische literatuurhistorici verklaren het succes van het vrije vers door erop te wijzen dat het ‘uiterst geschikt is voor “onwillekeurige”, intieme poëtische expressie, voor de “registratie” van gedachten en gevoelens’. Bij Kirill Medvedev, aldus dezelfde literatuurhistorici, ‘sluit het vrije vers aan bij het streven om “de voorbijglijdende realiteit” vast te leggen’. Hijzelf ziet poëzie als ‘de maximale talige expressiviteit van een authentieke manier van kijken’.Veel Russische lezers, voor wie rijm en elegantie de basiskenmerken van poëzie uitmaken, halen daarbij hun schouders op. Sommigen vinden Medvedev een zeikdichter of helemaal géén dichter.

Het klopt dat de verzen van Medvedev in puristisch opzicht veel te wensen overlaten: zijn interpunctie en hoofdlettergebruik zijn in hoge mate inconsequent en idiosyncratisch (zijn Amerikaanse vertalers merkten op dat hoe ouder hij wordt, hoe meer hoofdletters hij gebruikt). Meer in het algemeen lijkt hij een broertje dood te hebben aan eindredactie. De poëtische expressie van Medvedev is rauw, direct, bijwijlen absurd of grappig, en altijd radicaal oprecht – in die mate dat hij het niet altijd nodig vindt achteraf aan het licht gekomen fouten te corrigeren.

In 2011 verscheen een Nederlandse vertaling van een selectie gedichten van Bukowski. In een interview met de Volkskrant legt de vertaler, Peter Verstegen, uit dat het vertalen van Bukowski technisch niet zoveel voorstelt, maar dat je als vertaler moet oppassen dat je de gedichten niet mooier maakt dan ze eigenlijk zijn. Ook kan je ‘het verkloten door de toon van de dichter pretentieuzer en wijsneuziger te maken’. Hoewel niemand Medvedev een gebrek aan pretentie en wijsneuzigheid zal aanwrijven, heb ik deze waarschuwingen ter harte genomen.

Conform zijn Manifest over het auteursrecht is de betrok-kenheid van Medvedev bij de totstandkoming van deze uitgave tot een absoluut minimum beperkt. Een enkele maal heb ik contact met hem gezocht met het verzoek mij de tekst van een op het internet onvindbaar gedicht te bezorgen. Dit heeft hij vriendelijk gedaan, zonder vragen te stellen. Qua samenstelling volgt deze bundel gedichten, essays en acties, die rechtstreeks uit het Russisch werden vertaald, de bij Ugly Duckling Presse en n+1 verschenen uitgave It’s No Good (Brooklyn, 2012). Net als in die publicatie zijn enkele bijzonder volumineuze essays van Kirill Medvedev in deze bundel terechtgekomen in ingekorte vorm. De eindnoten zijn van de hand van Medvedevs Amerikaanse vertalers of van mijn hand, tenzij anders vermeld.

Tot slot wil ik Frank Keizer, Eva Parton en Maarten Horeman bedanken. En een Rus wiens naam ik niet noem, omdat hij in zijn post-Sovjetparanoia gelooft dat de FSB hem dood zal schieten voor zijn hulp bij het oplossen van enkele vertaalproblemen.

Pieter Boulogne, Leuven, januari 2014


 

Alles is slechtKirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

 

 

Getagged , , , , , , ,

Kirill Medvedev. ‘in het tijdschrift afisja…’

in het tijdschrift afisja
verscheen een artikel van mijn vriend misja
het verscheen onder andermans naam
de naam van een of ander wijf
(dat gebeurde met zijn toestemming)
en toen misja dat tijdschrift mailde
om te vragen
of hem misschien
een honorarium toekwam
voor zijn artikel
toen antwoordde het
met één enkel woord:
‘njet’;
toen misja me over dat voorval vertelde
kookte ik van woede;
ik zei misja dat ik als ik hem was
al mijn banden
met dat afisja
zou verbreken
dat ik ze zou opbellen
en uitmaken voor kankerhoer
om er ten minste nog die voldoening
uit te halen;
maar misja is wijs en beheerst
het valt zelfs te vermoeden
dat hij met dat voorval
zijn voordeel gedaan heeft;
in dit leven
zal misja alles goed aanpakken
en ik zal blijven
zitten in de shit
met die principes van me

[Uit de bundel Все плохо (Alles is slecht)]

Alles is slechtKirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO

‘De Russische Bukowski’, ‘Een van de origineelste stemmen van de linkse oppositie’ – Jeroen Zuallaert, Knack

Getagged , , , ,

Flaptekst van Kirill Medvedevs Alles is slecht

Alles is slecht

Alles is slecht bevat een selectie uit de gedichten, essays en acties die de Russische dichter en activist Kirill Medvedev het afgelopen decennium schreef. Van zijn afscheid, uit protest, van de literaire wereld, de oprechte blijdschap bij het vinden van een potje paté in een supermarkt tot politieke overdenkingen tijdens een actie voor het behoud van het Chimkibos bij Moskou – de rauwe, alledaagse, directe, soms absurde of grappige maar altijd radicaal oprechte gedichten van Medvedev schuwen geen enkel onderwerp, en deinzen er niet voor terug stelling te nemen.

In zijn essays, waarin hij harde, maar in zijn ogen onvermijdelijke conclusies trekt uit de crisis van de post-Sovjetintelligentsia en de staat van de huidige machthebbers in Rusland, doet hij net als in zijn gedichten een krachtig beroep op de verbeelding, de rechtvaardigheid en de waarheid als tegengif tegen leugens en onderdrukking. Steeds rekent hij hierbij af met het idee dat literatuur een privéaangelegenheid is, die niet in staat is een maatschappelijke of politieke ruimte op te eisen.

Medvedev bewijst met deze bundel het tegendeel. Alles is slecht is een onontkoombaar boek voor iedereen die wil weten waarom poëzie ertoe doet, geïnteresseerd is in het Rusland van Poetin, Pussy Riot en Navalny, en radicale antwoorden zoekt op de vragen van deze tijd.

Kirill Medvedev

Kirill Medvedev

Kirill Medvedev  behoort samen met de feministische punkgroep Pussy Riot en het kunstenaarscollectief Chto Delat uit Sint-Petersburg tot de jongere generatie schrijvers en kunstenaars in Rusland die zich verzet tegen het regime van Vladimir Poetin.

Uit protest tegen het corrupte en ingedutte literaire milieu in zijn land kondigde Medvedev in 2003 het einde aan van zijn literaire carrière. Een jaar later gaf hij ook zijn copyright op, zodat tegenwoordig alleen nog piraatedities van zijn werk kunnen verschijnen.

Een paar jaar geleden begon Medvedev in Moskou een eigen uitgeverij, die voornamelijk door hemzelf verzorgde vertalingen van westerse marxistische auteurs als Pier Paolo Pasolini, Herbert Marcuse en Alain Badiou publiceert. Daarnaast treedt hij regelmatig op met zijn band Arkady Kots, vernoemd naar de Russische dichter die de Internationale in het Russisch vertaalde, waarmee hij teksten van de bekende Russische ‘kunst-terrorist’ Aleksandr Brener ten gehore brengt.

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. ca. 300 p. ISBN 9789491717086. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO

Lees hier een meer uitgebreid auteursportret van Kirill Medvedev.

 

 

Getagged , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

De weigering van de dichter. Kirill Medvedev: Alles is slecht

Op 1 mei 2014 brengt uitgeverij Leesmagazijn de bundel Alles is slecht uit met gedichten, acties en essays van de Russische dichter en linkse activist Kirill Medvedev. Samen met Frank Keizer schreef ik voor De Leeswolf (2014, Nr. 2.) het onderstaande auteursportret, een voorproef van de radicale oprechtheid van deze ‘Russische Bukowski’.

GEDICHTEN

op dit moment vertaal ik een detective

voor het tijdschrift buitenlandse literatuur

een detective voor een nieuwe serie

bijlagen van dat tijdschrift

volgens mij heet die serie

‘een boek voor onderweg’

ik heb zo het gevoel

dat ik de laatste tijd

in dienst sta van de bourgeoisie

de detective is geschreven door john ridley

een zwarte amerikaanse schrijver

hij is 32 jaar oud

het is een spectaculaire detective

die ergens doet denken aan de films van quentin tarantino

hij bevat satire op hollywood

en kritiek op de moraal van het hollywood-

establishment

maar tegelijkertijd gebruikt hij

alle bekende hollywoodtrucs;

die roman bevat wel

enkele sterke passages

maar in zijn geheel is het

naar mijn gevoel

gewoon een goed gelukt knutselwerkje

volgens mij zijn vertalers

op een zeldzame uitzondering na

vampiers

die zich voeden

met andermans bloed

want een vertaling

is een zoete droom

terwijl een kunstwerk

een kwelling is

daarom

zal ik waarschijnlijk

nooit meer iets vertalen

Met de bovenstaande slotregels van een lang programmatisch gedicht kondigt de Moskoviet Kirill Medvedev aan het begin van dit millennium zijn dichterschap aan. Op dat moment is hij vijfentwintig jaar oud. Literatuur is er hem met de paplepel ingegoten. Zijn moeder was redactrice bij een grote Sovjetuitgeverij, zijn vader een bibliofiel en journalist die tijdens de perestrojka beroemd werd, maar in de vroege jaren 1990 zijn gezin aan de roulette ruïneerde (hij moest zelfs zijn bibliotheek verkopen). Van 1992 tot 1996 studeerde Medvedev geschiedenis aan de Moskouse Staatsuniversiteit. Wanneer hij in 2000 afstudeert aan het Gorki Instituut voor Literatuur probeert hij in zijn onderhoud te voorzien als journalist en criticus. Hij schrijft recensies en artikels voor kranten en tijdschriften, en maakt literaire vertalingen. Langzaam dringt het besef tot hem door dat hij onmogelijk door kan gaan met dit alles – ook al haalde hij met name uit het vertalen grote voldoening. Zo vertelt hij in dit gedicht dat hij bij het vertalen van Amerikaanse cultschrijver Charles Bukowski het gevoel had volledig samen te smelten met de auteur. Ondanks de markante verschillen in levensstijl en ideeëngoed – tegenover het gezuip van de een staat het engagement van de ander – hebben Medvedev en Bukowski inderdaad veel met elkaar gemeen. Het valt te vermoeden dat Medvedev zich door zijn ervaring als vertaler van Bukowski aangemoedigd heeft gevoeld om Russische poëzie in het vrije vers te schrijven: gedichten zonder rijmschema, regelmatige strofebouw of vast metrum. Ze delen ook een zwak voor onwelvoeglijk taalgebruik, dat in Rusland meer nog dan in het Westen tot de taboesfeer behoort. Voor puristische Russische poëzielezers is Medvedev dan ook een zeikdichter of helemaal géén dichter.

In zijn eerste poëziebundels Alles is slecht (2000) en Invasie (2003) legt Medvedev zijn ervaringen vast in Rusland, dat toen nog enthousiast Poetin achterna holde. Terwijl zijn landgenoten een graantje proberen mee te pikken van de groeiende welvaart, waar zo naar gesnakt was onder het communisme, kijkt Medvedev aan de zijlijn toe. Hij denkt na over zijn eigen positie in en tegenover de consumptiemaatschappij van post-Sovjet Rusland, bijvoorbeeld in het gedicht ‘In de supermarkt Smolenski’, waarin hij, niet gespeend van zelfkritiek, de trance beschrijft waaraan hij ten prooi valt onder invloed van al die prachtig verpakte etenswaren:

een tijdlang staarde ik

naar al die

mooie domme dure

bling bling

die daar verspreid lag

op de rekken

van de supermarkt

en ik begreep

dat dit wellicht

de basisbrandstof was

van onze maatschappij

(niet omdat we allemaal

in een consumptiemaatschappij leven,

maar gewoon omdat

de rest

entourage is

terwijl je van voedsel

kan zeggen wat je wil

maar het zijn proteïnen

het is de basisgarantie

voor gezinsgeluk en welvaart

in wezen wordt alles

veroorzaakt door voedsel,

en daarom hoeft het

misschien niet te verbazen

dat voedsel de oorzaak is

van gezinnen die uiteenvallen

relaties die stuklopen

en van moorden);

na zo nog wat rondgelopen te hebben

drong het besef door

dat mijn verstikkende gevoel van medelijden

met die producten

ook een soort

fetisjisme was

en ook

een vorm

van materialisme was;

want eigenlijk is er geen reden

om te doen te hebben met producten

die dat alles

veroorzaken;

ik betaalde voor een visfilet

en voor de twee potjes

van die verbazingwekkend goedkope paté

die ik bij mezelf

‘de paté der armen’ noemde

en toen ik op straat stond

met die producten

drong het tot me door hoe vaak

mijn afschuw

voor de grimas van de consumptiemaatschappij

omslaat in sentimentaliteit

 

ACTIES

Als jonge dichter staat Medvedev onder hoede van Dmitri Koezmin, een excentrieke literator, uitgever en openlijke homoseksueel (wat in Rusland gezien wordt als een provocatie). Al in 1989 heeft hij onder de naam Vavilon een grootschalig forum opgezet waarop hij de meest uiteenlopende innovatieve Russische dichters onderbrengt. Koezmin helpt Medvedev om zich als dichter op de kaart te zetten, maar na enkele jaren bekoelt Medvedevs belangstelling voor diens literaire project. De rechtstreekse aanleiding voor de breuk is de steun van Koezmin aan de Amerikaanse invasie in Irak. De diepere reden is het besef van Medvedev dat zijn teksten binnen het Vavilonproject dan wel getolereerd en misschien ook geapprecieerd worden, maar dat ze geen echte invloed uitoefenen op de lezer: ze zijn een voorbeeld van repressieve tolerantie. In 2003 besluit Medvedev om de literaire wereld de rug toe te keren. Op zijn website publiceert hij een communiqué waarin hij het volgende verklaart:

Aan literaire projecten die georganiseerd en gefinancierd worden door de overheid of door culturele instanties weiger ik deel te nemen. Ik zal mijn boeken voortaan zelf uitgeven en financieren, en op mijn eigen website publiceren.

Ik zal geen publieke voordrachten meer houden.

Dit is geen heroïsche pose, PR-stunt of verlangen om mijn uitgeverij een duwtje in de rug te geven. Ik leg mezelf deze beperking op omdat ik haar noodzakelijk vind. Ik ben ervan overtuigd dat mijn teksten bestempeld kunnen worden als authentieke mainstreampoëzie. Daarom koester ik de hoop dat, wanneer de mainstream in mijn persoon voor de helft ondergronds gaat en – voor zover dat überhaupt mogelijk is – voor de helft onafhankelijkheid verwerft, dat er in mijn land dan misschien meer eerlijke, compromisloze en authentieke hedendaagse kunst zal komen, die niet besmeurd wordt door de culturele, financiële en politieke macht met haar weerzinwekkend ideologisch revanchisme (of, het omgekeerde, pseudo-liberalisme).

Medvedev voegt daad bij woord en publiceert zijn pornografisch getinte bundel De pikken der vaderen in de zomer van 2004 op zijn website. Enkele maanden later verzilvert hij zijn breuk met de literaire wereld door in een Manifest over het auteursrecht afstand te doen van zijn auteursrecht.

Ik bezit geen auteursrechten op mijn teksten en ik kan ze niet bezitten.

Niettemin verbied ik de publicatie van mijn teksten in bloemlezingen en bundels, omdat ik een dergelijke publicatie voor eens en altijd afdoe als manipulatie door deze of een andere culturele macht.

Mijn teksten mogen wel gepubliceerd worden in Rusland en in het buitenland, in welke taal dan ook, ALS AFZONDERLIJK BOEK, samengesteld en vormgegeven volgens de absolute willekeur van de uitgever en op de markt gebracht als PIRAATEDITIE, dat wil zeggen ZONDER MEDEWETEN VAN DE AUTEUR, ZONDER VOORAFGAANDE CONTACTEN OF AFSPRAKEN MET DE AUTEUR, wat ook vermeld moet worden in het colofon.

Iedereen die mij tot nog toe gepubliceerd heeft ben ik erkentelijk.

Strikt genomen heeft dit manifest enkel artistieke, geen juridische waarde. Niettemin publiceert de prestigieuze uitgeverij NLO in de herfst van 2005 achter de rug van Kirill Medvedev om een bundel met essays en gedichten van zijn hand onder de titel Teksten uitgegeven zonder medeweten van de auteur. Deze uitgave drijft het conflict tussen twee door Medvedev gekoesterde ambities op de spits: enerzijds het natuurlijke verlangen om gelezen te worden en anderzijds de weigering om deel uit te maken van een systeem dat hem in staat stelt zich als dichter te realiseren.

Als dichter overleeft Medvedev in de marge van het literaire systeem: in de jaren 2005 en 2006 schrijft hij voor zijn website de cyclus Voor de eeuwigheid en voor de door hemzelf opgerichte Nieuwe Marxistische Uitgeverij de bundel 3%. Toch gaat hij in de herfst van 2006 opnieuw een stap verder. Hij legt zich zelf een moratorium op: vijf jaar lang zal hij geen nieuwe gedichten publiceren. Behalve een poging om de routine te doorbreken is het een experiment. Zal hij nog de behoefte voelen om gedichten te schrijven in de wetenschap dat ze niet meteen gelezen kunnen worden?

Het moratorium van Medvedev betekent geen terugtrekking uit het openbare leven. Integendeel, vanaf 2006 speelt hij een bijzonder actieve rol in de socialistische beweging Vperjod (Vooruit). Bovendien laat hij zich opmerken met allerhande protestacties. Zo trok Medvedev in het voorjaar van 2007 in zijn eentje de straat op om te protesteren tegen de opvoering van een toneelstuk van Bertolt Brecht door de bekende regisseur Aleksandr Kaljagin. In Sovjetstijl had die in 2005 samen met een vijftigtal andere Russische cultuurprominenten een open brief ondertekend om een schuldigverklaring te vragen voor Poetins aartsvijand Michail Chodorkovski, die toen nog de CEO was van het Yukos olieconcern.

 

ESSAYS

Het moratorium van Medvedev betreft enkel zijn gedichten. Op zijn website en blog gaat hij gewoon verder met het publiceren van gedachten, liederen en in memoriams (van de Russische conceptualistische dichter Dmitri Prigov en de vermoorde mensenrechtenactivist Markelov). De meeste inkt kruipt echter in zijn essays, die stuk voor stuk getuigen van zijn scherp ontwikkelde rechtvaardigheidsgevoel en analytische vermogen. ‘In memoriam Dmitri Koezmin‘ (2006), over zijn breuk met zijn voormalige mentor, is tegelijk een ode en een vadermoord. In ‘De literatuur zal worden doorgelicht’(2007) trekt hij conclusies uit de crisis van de Post-Sovjetintelligentsia, die hij eerder in het essay ‘Mijn fascisme’ (2004) had vastgesteld. Inspiratie puttend uit de geschriften van Bertolt Brecht en Slavoj Žižek legt hij uit waarom de dichter geen privépersoon kan zijn.

In Rusland is dat geen nieuwe gedachte. De dichter Jevtoesjenko schreef al in 1965 dat ‘in Rusland een dichter meer dan een dichter’ is, en Medvedevs eigen teksten zijn soms doordrenkt van een bijna Messiaans aandoend pathos. In het bijzonder viseert Medvedev de figuur van Joseph Brodsky, wiens wens om ‘met rust gelaten te worden’ tijdens zijn proces gerechtvaardigd was, maar na diens verwerving van enorme morele en publieke status huichelachtig is geworden. Origineel is ook de marxistische invulling die Medvedev daaraan geeft. In zijn ogen heeft het leninistische Sovjetexperiment op geen enkele manier het marxisme als theorie in diskrediet gebracht. In de ogen van Medvedev heeft Rusland met name behoefte aan de idealen van het ‘warme’ marxisme, zoals gelijkheid en de idee dat de overheid zoveel mogelijk burgers moet vertegenwoordigen, en niet zoals nu de macht in handen moet laten van een elite wiens belangen diametraal tegenovergesteld zijn aan die van de bevolking. De Russische intelligentsia begaat een kapitale fout wanneer ze weigert in te zien dat de westerse democratieën waarnaar zij opkijkt geen toonbeelden van kapitalisme zijn, maar de vruchten plukken van eerder geleverde socialistische strijd. Tegelijkertijd toont Medvedev zich in zijn politieke denken complex, zelfs tegenstrijdig. Het essay ‘Mijn fascisme’ – Medvedevs zelfverklaarde ‘fascisme’ is zijn onvermogen om te begrijpen wat buiten zijn eigen menselijkheid ligt – eindigt met de aangrijpende wens om volmaakt ongepolitiseerd zijn kunst te kunnen bedrijven, in het besef dat dat op dit moment in Rusland niet mogelijk is.

De essays van Medvedev zijn niet licht verteerbaar, maar ze werpen een nieuw licht op het eenentwintigste-eeuwse Rusland. Voor wie geïnteresseerd is in de cultuurhistorische context waarin Pussy Riot een punkgebed hield in de Christus Verlosserskathedraal van Moskou, de kunstenaar Pjotr Pavlenski uit protest tegen de politieke onverschilligheid van zijn landgenoten zijn scrotum aan het plaveisel van het Rode Plein nagelde en Aleksej Navalny van anticorruptie-blogger uitgroeide tot een voor het Kremlin te duchten oppositieleider, zijn deze essays allicht verhelderender dan alle berichten bij elkaar die hierover in onze traditionele pers verschenen zijn – ook al is Medvedev niet de spreekbuis van Pussy Riot of Pavlenski, en al helemaal niet van Navalny. Keith Gessen, een in Rusland geboren Amerikaanse schrijver en de drijvende kracht achter de publicatie van de Engelstalige editie van Medvedevs geschriften It’s No Good, noemt Medvedev niet voor niets ‘Ruslands eerste echte post-Sovjetschrijver’. Medvedev bood radicale antwoorden op de vragen waar hij zelf mee worstelde.

Inmiddels is de zwijgplicht die Medvedev zichzelf als dichter heeft opgelegd verstreken. Het experiment is gelukt: hij is blijven schrijven. Zijn nieuwe creaties, die hij post op zijn Facebookaccount, zijn politieker dan ooit tevoren. Daarin beschrijft Medvedev bijvoorbeeld verwoede pogingen om van de stad Moskou toestemming te krijgen voor een linkse optocht, of een utopisch visioen van hoe een protestactie voor het behoud van het oude Chimskibos nabij Moskou ontaardt in een slagveld:

Op weg naar een actie voor het behoud van het Chimkibos,

dacht ik na over machteloosheid,

en herkauwde de oude gedachte dat het gebruik van wapens

een teken was van machteloosheid.

Toen in de verte een oproerpolitiebrigade opdoemde en iedereen in paniek raakte, niet uit filosofische machteloosheid,

maar uit heel erg aardse, menselijke machteloosheid.

toen dacht ik geestdriftig terug aan een idee uit een anarchistisch manifest,

dat enkel wie een wapen bezit

zich kan permitteren over pacifisme na te denken,

als we nu een wapen hadden, dacht ik, zouden we pacifisme ernstig kunnen overwegen,

en op het toppunt van onze machteloosheid, verscheen daar plots een wapen:

 

onze gelederen gingen uiteen en te midden van pacifistische studenten,

wanhopige leden van de intelligentsia en plaatselijke gepensioneerden ratelde een mitrailleur.

de agenten van de oproerpolitie vielen bij bosjes neer als de bomen van het Chimkibos.

Wat telt is dat er geen revolutie van komt, zei Jevgenija Tsjirikova,

toen we bij de aanblik van de lijken nadachten over hoe het verder moest.

De gedichten van Medvedev zijn niet elegant, zitten niet vol fraai verwoorde gedachten die een rijk innerlijk gevoelsleven verraden. Het zijn de erupties van een vertwijfeld, woedend, vaak radeloos individu, dat ernaar verlangt opnieuw een band met de wereld en zijn tijd aan te gaan. De poëtische expressie van Medvedev is rauw, onbemiddeld, bijwijlen absurd of grappig, maar altijd radicaal oprecht.


Alles is slecht

Kirill Medvedev. Alles is slechtLeesmagazijn. 314 p. ISBN 978-94-91717-09-3. € 19,95. Vertaling uit het Russisch door Pieter Boulogne. Met een inleiding door Keith Gessen, vertaald uit het Engels door Menno Grootveld. Eindredactie door Frank Keizer. Omslag ontworpen door Connie Nijman. 

‘Inspirerend’ – Arjen van Veelen, NRC Handelsblad

‘Wie Rusland beter wil proberen te begrijpen moet zeker Alles is slecht lezen.’ – Wim Brands, VPRO Boeken 

‘Ontwapenend alledaags’ – Jeroen Zuallaert, Knack

‘Een boeiende selectie van de gedichten en essays van een onversneden idealist’ – Erik Ziarczyk, De Tijd

‘Een harmonieus geheel van gedichten, essays en acties’ – Obe Alkema, Tzum literair weblog

‘Mooie en tot denken aanmoedigende essays’  – Jesse van Amelsvoort, 8WEEKLY

‘Liefhebbers van Bukowski of auteurs van de beat-generatie kunnen hun geluk niet op’ – Annelies Omvlee, Cutting Edge

Getagged , , , , , , , , , , , , , ,