Categorie archief: Berichten

‘Am I Lovely? Of Course!’ Female poets from Russia at BOZAR, Brussels

On the occasion of the crowdfunded publication of the poetry collection ‘tijd van de aarde’, the translation from Russian into Dutch I made for the publishing house Perdu, its author, Galina Rymbu, and two other contemporary female poets from Russia, namely Vera Pavlova & Maria Stepanova, will be given the floor at BOZAR in Brussels, on Thursday 28 February 2019. Добро пожаловать!

For tickets, click here.

rymboe.png

 

And now for something completely different … Once again the same book by Dostoevsky: A (con)textual analysis of early and recent Dostoevsky retranslations into Dutch

cover_issue_2709_pt_brThe Brazil-based international journal for Translation Studies Cadernos de Tradução has brought out a special issue on “Retranslation in Context” with contributions by my respected colleagues Piet Van Poucke (UGent), Charlotte Bollaert (UGent), and Francis Mus (KU Leuven, ULiège), and many other Translation Studies scholars. I’m happy to have been able to contribute as well, with the article “And now for something completely different … Once again the same book by Dostoevsky: A (con)textual analysis of early and recent Dostoevsky retranslations into Dutch”  (download PDF file). There’s no paywall, the special issue is available online – as all our research output should be. This is the abstract of my article:

During the last 10 to 15 years, the Dutch-language book market has witnessed an increase in the number of Dostoevsky retranslations. Whereas some observers explain this development by referring to the ageing of previous translations, the translators themselves tend to justify their translations by calling them “better translations”. By offering a comparative contextual and textual analysis of early and recent Dostoevsky retranslations into Dutch, this article tries to explain the phenomena of retranslation in general and of recent Dostoevsky retranslation into Dutch in particular. It does so by going beyond the popular assumptions, which show close ties to the Retranslation Hypothesis. On the basis of a historical analysis, which shows that the first Dostoevsky retranslations into Dutch were more oriented towards acceptability than the first translations, it is argued that the concept of norms, as conceived by Gideon Toury, remains a better tool than the Retranslation Hypothesis to interpret and to explain the phenomenon of the Dostoevsky retranslations into Dutch. However, because of translators’ possibilities to go against the norms, which is illustrated through the work of contemporary Dutch translator Hans Boland, norms too fail to provide us with a full explanation.

Boulogne, Pieter. 2019. “And now for something completely different … Once again the same book by Dostoevsky: A (con)textual analysis of early and recent Dostoevsky retranslations into Dutch.” Cadernos de Tradução. Edição Regular Temática – Retranslation in Context. 39:1, pp. 117-144. DOI: 10.5007/2175-7968.2019v39n1p117 

Getagged , , , ,

Crowdfunding voor de uitgave van Galina Rymboes dichtbundel Tijd van de aarde

coverDe kleine maar dappere uitgeverij Perdu zoekt centen voor de uitgave van experimentele poëzie in vertaling. Wie er te veel heeft, kan er doneren. Het is een eerlijke deal, want in ruil krijg je de kraakverse vertaling uit het Russisch van de dichtbundel Tijd van de aarde van de dichteres Galina Rymboe die ik in opdracht van Perdu maakte.

De beste manier om met de dichtbundel kennis te maken, is hem lezen. Perdu licht alvast een tip van de sluier op:

“Galina Rymboe, een vernieuwende stem binnen de Russische literatuur, roept in haar gedichten postapocalyptische werelden op: oude structuren, herinneringsruïnes, verdrogende rivieren, verlaten opgravingsterreinen. Gewaarwordingen, abstracties en intieme momenten stromen in haar meeslepende taal in elkaar over. Ook het geheugen is in verval geraakt. Maar hoe verwoest, afgedankt of uitgewoond de werelden in deze bundel ook zijn, de dichter blijft zoeken naar manieren om naar huis terug te keren, een plek te vinden die ons kan behoeden. Tijd van de aarde is poëzie van het anthropoceen.

Over haar poëtica schreef de Russische critica Anna Glazova: “De gedichten van Galina Rymboe bezitten een basiskenmerk dat essentieel is voor de onmiddellijke werking van een poëtische tekst: ze vervoeren ons. De articulatie, de stemexpressie, de helderheid van het woord en de fonetische intensiteit penetreren meteen de gewaarwording van de lezer en slepen hem met zich mee. Tegelijkertijd staat achter hun stootkracht een niet minder energetische reflectie. In de regel gaan beschouwende gedichten gepaard met een zachte, vertrouwelijke toon, maar dat geldt niet voor deze poëzie: ze probeert geen vertrouwen in te boezemen, maar doet de voor één ogenblik ontwakende lezer opschrikken. Zo’n luide klank zou echter niet volstaan om de aandacht van de lezer te grijpen en hem met de neus op de tekst duwen, als er geen duurzaam en verwoed werk met – en aan – de taal aan vooraf was gegaan. De indikking van empathie en directheid, die rechtstreeks naar het hart van deze poëzie leidt, vormt een vreemdsoortig magnetisch veld, dat de stemming van de tekst orkestreert, en bijgevolg ook de lectuur.”

Het vertalen van haar poëzie was voor Pieter Boulogne, die eerder gedichten en essays van Kirill Medvedev en een novelle van Vsevolod Petrov uit het Russisch vertaalde, een totaal nieuwe ervaring, en een aan meditatie grenzende bezigheid.”

Meer informatie over de crowdfunding, vind je via deze link. Naar het schijnt is Perdu dankbaar voor elke donatie.

 

 

 

 

 

 

 

Getagged , , , ,

Interview met Kirill Medvedev in MO*magazine

Pieter Stockmans sprak met de Russische dichter Kirill Medvedev voor MO*magazine, ter gelegenheid van diens optreden met Nikolaj Olejnikov in BOZAR: “Door van deur tot deur te gaan merkte ik dat de steun van de mensen voor het regime van Poetin een mythe is die de neoliberale oppositie verspreidt om het eigen falen te maskeren. Mensen geven wél om hun toekomst en kunnen gemobiliseerd worden in een volksbeweging voor sociale rechten. […] Om je plaats als socialist in de Russische politiek opnieuw op te eisen moet je de wandaden van de beweging onder ogen zien, én tegelijkertijd de bevolking betrekken bij de socialistische strijd. Als mensen zien dat linkse activisten een echte strijd voeren, niet voor abstracte idealen maar voor de verbetering van het dagelijks leven, zal de afkeer van het marxisme verdwijnen.”

Op de website van MO* kan je het volledige stuk lezen.

kmmo.png

Getagged , , , ,

“Mijn vertalershonorarium” in Tijdschrift voor Slavische Literatuur

IMG_0001Het nieuwste nummer van Tijdschrift voor Slavische Literatuur (nr. 79, mei 2018), besteedt, net als het vorige, ruime aandacht aan vertaaldebuten. Hoewel ik momenteel nog in het geboortekanaal der literaire vertalers verblijf, en zelfs terug naar de baarmoeder lijk te worden gezogen, werd met zachte hand een rukje aan mijn mouw gegeven om een bijdrage te schrijven over mijn eerste literaire vertaling.

Ik ben er met plezier op ingegaan, want dat was een goede gelegenheid om in het reine te komen met het verleden: ik heb het over onkoosjere praktijken, gênante steekjes die ik heb laten vallen bij het vertalen van Poesjkin en Dovlatov en over hervertaling van Kirill Medvedev na diefstal.

De titel van het stukje is “Mijn eerste vertalershonorarium” geworden. Dat is een knipoogje naar het geniale korte verhaal “Mijn eerste honorarium” van Isaak Babel, maar daar heeft het verder weinig of niets mee te maken. Ik geloof dat Tijdschrift voor Slavische Literatuur het hele nummer binnenkort ter beschikking stelt op zijn website.

Getagged ,

Russische literair-muzikale avond in BOZAR met Kirill Medvedev, Nikolaj Olejnikov en Johan de Boose

kirill medvedev.png

Naar aanleiding van de nakende presidentsverkiezingen in Rusland nodigen Bozar en het Centrum voor Russische Studies (KU Leuven) u uit op een avond rond Russische poëzie, muziek en activisme die de controverse niet schuwt. De dichter en activist Kirill Medvedev en de kunstenaar Nikolaj Olejnikov (bekend van het collectief Chto delat) werpen een kritische blik op hun land met de middelen die ze hebben. Ze zullen niet alleen muziek maken en teksten voorlezen, maar ook debatteren met schrijver en Ruslandkenner Johan de Boose.

Praktisch

Waar: BOZAR, Ravensteinstraat, 23, Brussel
Wanneer: dinsdag 13 maart, 20:00 – 21:30
Taal: Engels
Prijs: standaard – 7 euro, -26 jaar – 5 euro
Tickets & info hier

Getagged , , , ,

***

Op 18 april 1991 vond in Moskou een van de eerste acties plaats van de kunstactivistische groepering Expropriatie van het Kunstdomein (E.T.I.): een dozijn jongens en meisjes ging toen op het Rode Plein liggen, op zo’n manier dat hun lichamen het vuile Russische woord “ХУЙ” vormden. Met die actie protesteerden ze tegen de nieuwe wet over de zedelijkheid, die vuilbekkerij in het openbaar verbood, en tegen de economische malaise.

wide_detail_picture

Ik bracht dit gisteren, op 6 december 2017, ter sprake in mijn lezing over Post-Sovjet kunstactivisme. Na afloop van de lezing vonden we in het Leuvense Letterenhuis dit:

24852175_10155332975321748_2836178993823377993_n.jpg

Bedankt, Sint!

 

Getagged , , ,

Themadag Masereelfonds: 100 jaar Russische Revolutie

themadag_masereelfonds_100_jaar_russische_revolutie

Morgen, op zondag 26 november 2017, herdenkt het Masereelfonds de Russische Revolutie. In dat kader geef ik in Brussel een lezing over de invloed van de Oktoberrevolutie op de Sovjet-Russische en de post-Sovjet-Russische literatuur, waarin ik een antwoord zoek op de vraag met welke erfenis we vandaag zitten en wat we ermee kunnen doen. Centraal staan de dichters Vladimir Majakovski en Kirill Medvedev. Welkom! Alle details vind je hier.

Getagged , , ,

Lezing over kunstactivisme in/uit post-Sovjet-Rusland (6/12)

PussyRiot4.11

In het kader van een lezingenreeks over Russische (r)evolutie, houd ik op woensdag 6 december 2017 aan de KU Leuven om 19u30 een lezing over kunstactivisme in/uit post-Sovjet-Rusland. Aanbevolen voor wie niet weet wat hij of zij van Pussy Riot moet denken, maar ook Pjotr Pavlenski komt uitgebreid aan bod. Iedereen is welkom, maar inschrijven is verplicht (via deze link:  https://www.arts.kuleuven.be/crs/lezingenreeks19172017).

Getagged , , , , , , ,

Een woordje uitleg bij de Manon Lescaut van Vsevolod Petrov

petrov

Portret van Vsevolod Petrov door Tatjana Glebova (jaren 1930)

Ongeveer een Russisch mensenleven. Zoveel tijd zat er tussen de creatie en de publicatie van De Manon Lescaut van Tourdeille (klik hier voor een voorproefje) van Vsevolod Petrov (1912-1978). Deze oorlogsnovelle verscheen voor het eerst in 2006, in het Russische tijdschrift Novyj mir. Vorig jaar werd de novelle door uitgeverij Ivan Limach ook in boekvorm uitgebracht, toepasselijk genoeg in Sint-Petersburg, de geboortestad van de auteur. Wanneer precies Petrov zijn novelle schreef, is niet met zekerheid geweten. Vermoedelijk schreef hij ze in 1946, als reactie op de toen pas verschenen roman Reisgenoten van Vera Panova over een bont Sovjetgezelschap dat als personeel van een sanitaire trein in de Tweede Wereldoorlog een collectieve bijdrage levert aan de overwinning op de vijand.

Samen met Viktor Nekrasovs In de loopgraven van Stalingrad vormde Panova’s Reisgenoten de literaire sensatie van de onmiddellijk naoorlogse periode. Terwijl zij in 1947 bekroond werden met Stalinprijzen, respectievelijk van de Eerste en de Derde Klasse, bleef de novelle van Petrov in de lade liggen. Hij heeft het bij leven ook nooit ter publicatie aangeboden. Tijdens de zogenaamde mini-dooi, waarmee de onmiddellijke naoorlogse periode door Russische literatuurhistorici als Dmitri Bykov aangeduid wordt, of zelfs tijdens de dooi, maakte het geen schijn van kans. Daarvoor was het te compromisloos. Niet dat het een openlijke aanval bevat op de Sovjetrealiteit. Wel omdat de Sovjetrealiteit er meesterlijk in genegeerd wordt, ontkend zelfs, zowel door het hoofdpersonage als door de auteur. Symptomatisch is dat het woord ‘kameraad’ door Petrov enkel gebruikt wordt in zijn voorrevolutionaire betekenis. De Russische criticus Andrej Oeritski schreef hierover in NLO (2007, Nr. 85): ‘De Sovjetmacht is weggegomd, vergeten, van haar is geen spoor of geluid te bekennen. Ze interesseert Vsevolod Petrov niet.’ De auteur is de grootmeester van het escapisme.

Terwijl oorlog het hoofdthema is van Panova’s Reisgenoten en van Nekrasovs In de loopgraven van Stalingrad, is die in De Manon Lescaut van Tourdeille eigenlijk niet veel meer dan de setting. Het wordt uit de tekst zelf ook niet duidelijk tegen wie gevochten wordt. Meer dan een oorlogsnovelle is het een liefdesnovelle. Daarom draagt het werkje ook als ondertitel Kroniek van een liefde. In eenendertig korte, gedistilleerde hoofdstukken, schetst het de verliefdheid van een naamloze ik-persoon, te herkennen als een vertegenwoordiger van de voorrevolutionaire Peterburgse intelligentsia, die tijdens de Tweede Wereldoorlog als militair arts tewerkgesteld is in een sanitaire trein. Hij is geen positieve held in de zin van het socialistisch realisme. Hij is een individualist, die zich geen deel voelt van het collectief. Tegenover enthousiasme om te strijde ten trekken voor de Sovjetstaat, stelt hij verlammende  doodsangst. Die probeert hij te bezweren met een vlucht in de achttiende eeuw. Wanneer het treinpersoneel zich overgeeft aan gezangen, glipt hij weg om Die Leiden des Jungen Werthers te lezen – uiteraard in het Duits. Zijn vlucht uit de oorlog en uit de Sovjetrealiteit gaat gepaard met een pathetische verliefdheid op Vera Moesjnikova, een aantrekkelijke en kokette droezjinnitsa,[1] in wie hij trekken van de achttiende eeuw ontwaart. Zij doet hem denken aan de Franse koningin Marie Antoinette en meer nog aan Manon Lescaut, de frivole en promiscue heldin van de gelijknamige achttiende-eeuwse Franse schandaalroman. Die associatie is een vloek. Met de Manon Lescaut van Petrov loopt het even slecht af als met die van Abbé Prévost. Maar niet vooraleer de romantische held met haar een tijdloze plattelandsidylle beleeft in het dorpje Toerdej – dat hem Bretons in de oren klinkt, als Tourdeille. Omdat die idylle ooit bestaan heeft, al was het maar voor hemzelf, kan hij ernaar terugkeren wanneer alles is verwoest, als naar een eiland. In de novelle wordt de creatie van dat eiland op mysterieuze wijze aangekondigd: ‘De tijd was ietwat schuin gaan lopen: hij verbond het verleden niet met de toekomst, maar leidde me ergens heen.’

In het nawoord bij deze novelle (dat een prima voorwoord zou zijn, als het niet zo veel details van de plot verried) legt de emigré Oleg Joerev het belang uit van De Manon Lescaut van Tourdeille, die hij ‘een sleutel tot het raadsel van de Russische cultuurgeschiedenis’ noemt. De novelle gunt ons een blik in de parallelle literaire wereld zoals die onder Stalin bijna onzichtbaar naast de officiële literatuur bestond. Vsevolod Petrov heeft zijn werk nooit ter publicatie aangeboden, maar hij las het wel af en toe voor aan vrienden, op verjaardagen. Zelf was Petrov, die stamde uit een oud adellijk geslacht, afkomstig uit de kring rond de befaamde dichter van de Zilveren Eeuw Michail Koezmin (1875-1936), die in weerwil van de Sovjets de erfenis van het modernisme levend probeerde te houden. Het is onder diens invloed dat Petrov zelf begon te schrijven. Zijn Manon Lescaut van Tourdeille droeg hij ook op aan Koezmins nagedachtenis, waarmee hij aan de lezer of luisteraar ook meteen te kennen gaf niets met de officiële Sovjetliteratuur te maken te hebben. In de jaren dertig was hij bevriend met de avant-gardistische dichters Daniil Charms (1905-1942), Nikolaj Olejnikov (1898-1937) en andere halve en hele oberioeten. Over de eerstgenoemde heeft Petrov unieke memoires nagelaten, waarin hij schreef dat het lot hem had voorbestemd om ‘de laatste vriend van Charms te worden’. De absurdist droeg een van zijn late verhalen uit de bundel ‘Voorvallen’ op aan Petrov.

De kringen rond Koezmin en de oberioeten werden opgerold door het lot en de NKVD. Het leven van Vsevolod Petrov ging verder. Voor en na de Tweede Wereldoorlog, waaraan hij vanaf juli 1941 deelnam als militair, verdiende hij zijn brood als werknemer van het Russisch Museum. Hij werkte er als pupil van de befaamde kunstkenner Nikolaj Poenin, die hem voorstelde aan zijn toenmalige vrouw Achmatova. Ten gevolge van beschuldigingen van formalisme en een hetze tegen Poenin, werd Petrovs positie in het Russisch Museum tegen 1949 onhoudbaar. Hij slaagde erin om zich heruit te vinden tot onafhankelijk literator. Hij schreef biografieën van populaire schilders. Onder Chroesjtsjov en Brezjnev groeide hij uit tot een gerespecteerd kunsthistoricus. Nog altijd is zijn magnum opus Mir isskustva (De kunstwereld), over de gelijknamige voorrevolutionaire kunstenaarsbeweging, een standaardwerk voor Russische kunstkenners.

Toen het stoffelijk overschot van Vsevolod Petrov in 1978 werd geplaatst naast dat van zijn vader, een beroemd oncoloog, in Komarovo bij Leningrad, kende bijna niemand hem als bellettrist. Maar daarmee was het laatste woord over De Manon Lescaut van Tourdeille nog niet gezegd. Niet voor niets is het motto van deze novelle de dichtregel ‘Nog niet dood is de bekoring’, ontleend aan het gedicht ‘Ja Moezoe joenojoe, byvalo’ (1824) van de romanticus Vasili Zjoekovski. Daarin betreurt de dichter dat de inspiratie hem verlaten heeft. Niettemin is hij hoopvol, want hij wordt beschenen door de ster van het ‘Genie van de zuivere schoonheid’. De geciteerde dichtregel roept automatisch het volgende vers op, tevens de slotregel van het gedicht: ‘Het verleden zal eens herleven’. Het eilandje dat Petrov in volle Stalintijd voor zichzelf en zijn vrienden heeft gecreëerd kan nu ook aan ons ontsnapping bieden.


rm_20_434

“Droezjinnitsy van het Rode Kruis! Op het slagveld laten wij de gewonden noch zijn wapens achter.” (propagandaposter van de Sovjets uit de Tweede Wereldoorlog)

[1] In WOII sloeg de term ‘droezjinnitsy’ op vrijwel ongeschoolde vrouwen die massaal ingezet werden om gewonde soldaten van het slagveld te halen en te verzorgen. Een Sovjetpropaganda-affiche gericht aan de droezjinnitsy heeft als leuze ‘Op het slagveld laten wij gewonden noch wapens achter’.


cover-manon-lowres

Benieuwd naar het boek? Lees hier de eerste hoofdstukken, bij wijze van voorsmaakje.

Vsevolod Petrov. De Manon Lescaut van Tourdeille. Kroniek van een liefde. Met een nawoord door Oleg Joerev. Leesmagazijn: 2017. Vertaling uit het Russisch.

Je vindt een exemplaar van De Manon Lescaut van Tourdeille in de rekken van de betere boekhandel, of in de webshop van de uitgever (of bij bol.com als je weinig geduld hebt).

Getagged , , , , , , , , , , ,

Biopolitiek op Het Betere Boek: wat je nog te goed had

22405441_1496847747068943_3921917742291060411_n_1_1Enkele uren geleden hebben de Russische dichter/activist Kirill Medvedev, mijn Gentse collega Michel De Dobbeleer en ikzelf in het kader van het literatuurfestival Het Betere Boek in Gent de gloednieuwe dichtbundel Biopolitiek (Leesmagazijn 2017) van de eerstgenoemde voorgesteld. We hadden weinig tijd, en hebben daarom niet alle gedichtjes kunnen lezen die we hadden willen lezen (we hadden ze wel allemaal willen lezen). Bijvoorbeeld dit gedichtje had je nog te goed:

 

De beul kwam op mij afgestapt,

mijn hoofd werd niet afgekapt,

in plaats daarvan werd mijn vlees,

door angst totaal verslapt,

versneden tot fijne filets.

 

Zijn dans was weergaloos.

Mijn bloed spoot in het rond

en hij bleef me maar bewerken

tot één grote gapende wond,

maar ik voelde mij aansterken.

 

Eindelijk kreeg hij in de gaten

de executie vreselijk te hebben gerekt

en dat het recht het veld had verlaten,

en hij begreep heel opgewekt

dat ons verzet niet hoeft genekt!


Kirill Medvedev. Biopolitiek.  Leesmagazijn, 2017. Met een voorwoord door Aleksandr Skidan. Vertaald uit het Russisch door Pieter Boulogne. 68 p. ISBN: 978-94-91717-45-1

biopolitiek-medvedevKirill Medvedev begon aan de in Biopolitiek opgenomen gedichten te schrijven in de nasleep van de Arabische Lente, die even de hoop van de Russische activisten deed opflakkeren. Opvallend zijn de zwarte humor en het burleske. De lyrische ‘ik’, die in vorige bundels aan de zijlijn toekeek op het Russische maffiakapitalisme en het bijbehorende consumentisme, ontpopt zich tot een actieve geweldenaar. Het universum van de dichter lijkt grimmiger te worden naarmate Poetin bij zijn onderdanen de duimschroeven aandraait. De Russische criticus Aleksandr Skidan noemde het ‘een voor iedereen toegankelijk, democratisch straattheater, een blamage aan het adres van de sceptici die niet geloven in de haalbaarheid van het project van de zelfkritische, reflexieve en tegelijkertijd populaire linkse cultuur’. Voor deze dichtbundel ontving Medvedev de prestigieuze Andrej Belyj-prijs, waarvan het prijzengeld bestaat uit een roebel, een fles wodka en een appel.

Na zijn doorbraak als dichter in 2002 nam Kirill Medvedev (1975) stapsgewijs afstand van de Russische literaire wereld, om na een zelf opgelegd moratorium in 2011 een comeback te maken onder zijn eigen voorwaarden. Hij is de auteur van de dicht- en essaybundels Alles is slecht (2000), Invasie (2002), Teksten uitgegeven zonder medeweten van de auteur (2007), 3% (2007) en Lang leven, jong sterven (2011). Naast dichter is Medvedev de Russische vertaler van Charles Bukowski, Pier Paolo Pasolini, Victor Serge en van de neomarxistische theoretici Terry Eagleton en Michael Löwy. Hij is ook een activist van de Russische Socialistische Beweging, de drijvende kracht achter de Vrije Marxistische Uitgeverij en de leadzanger van de band Arkady Kots. In de zomer van 2017 nam zijn politieke engagement de vorm aan van kandidaatstelling voor de Moskouse gemeenteraadsverkiezingen.

 

 

Getagged , , , , , , , , , ,

Sirin est mort, longue vie à Nabokov ! Bend Sinister, ou comment Nabokov devient un écrivain américain

IMAG7262_1Mes collègues de la KU Leuven David Martens et Bart Van den Bossche, en collaboration avec leur groupe de recherche MDRN, viennent de publier, auprès de la maison d’édition Les Impressions Nouvelles, l’ouvrage 1947 Almanach littéraire, qui est de a à z dédié à l’année littéraire 1947:

En 1947, la vie littéraire reprend, après une longue guerre, des périodes de dictature et de turbulences politiques qui ont eu un impact considérable sur la production, la diffusion, la réception de la littérature. Mais cette nouvelle vie n’est pas une simple reprise ou continuation, même si les transformations en cours ne sont pas toujours immédiatement visibles.

De l’essentiel qui s’impose tout de suite à l’attention (Gide, Malraux, Malaparte, Mann, Sartre…), de futurs chefs-d’œuvre qui passent inaperçus (Robert Antelme, Primo Levi), des œuvres tombées dans l’oubli, des revues et prix littéraires prestigieux à des curiosa ici redécouvertes, des événements individuels (emprisonnements, retours d’exil, polémiques…) aux grands enjeux sociaux de l’époque (mémoire de la Shoah, péril atomique, début de la guerre froide…), l’objectif de ce livre est de faire revivre dans toute sa diversité une année littéraire dont le présent était très différent de ce qu’en a retenu la postérité.

L’ouvrage se présente comme une coupe histologique dans le continuum de l’actualité littéraire et culturelle d’une année déterminante dans l’histoire de la littérature européenne. Cet almanach abondamment illustré plonge le lecteur, à travers 47 articles, au sein de l’écosystème de l’année 1947, comme si, lecteur à cette époque, il découvrait, au jour le jour, la littérature en train de se faire.

Parmi les 47 articles traitant de l’année 1947, il y a aussi celui que j’ai écrit à propos de Vladimir Nabokov, ou plus précisément à propos de sa fascinante métamorphose d’écrivain russe en écrivain d’expression anglaise. Voici un petit aperçu de “Sirin est mort, longue vie à Nabokov ! Bend Sinister, ou comment Nabokov devient un écrivain américain” (p. 85-92):

« Je suis extrêmement affligé par le descriptif du livre. Avant toute chose, l’idée de dévoiler l’intrigue me semble absurde. Deuxièmement, ce synopsis plat est plein d’erreurs ». En avril 1947, Vladimir Nabokov, fraîchement naturalisé citoyen des États-Unis, subvenant aux besoins de sa famille en tant que respectable lépidoptériste et professeur de russe  excentrique, se montre mécontent des épreuves de son premier roman américain.

Nabokov connaît sa valeur. Durant les années trente, il est devenu, sous le nom de plume de Vladimir Sirin, le principal écrivain de la diaspora russe. Cette communauté, son lectorat, qui fleurit tout d’abord à Berlin et ensuite à Paris, s’est complètement désintégrée par le régime nazi et la seconde guerre mondiale. Les derniers vestiges de ses espoirs de poursuivre une carrière d’écrivain dans sa patrie sont réduits à néant par le sinistre virage culturel stalinien qui établit le réalisme socialiste en 1934 comme la seule voie littéraire acceptable. En l’absence de toute scène littéraire soviétique souterraine, la meilleure solution pour continuer à être un écrivain à laquelle songe Nabokov consiste à devenir un écrivain anglophone.“Je suis extrêmement affligé par le descriptif du livre. Avant toute chose, l’idée de dévoiler l’intriure me semble absurde. Deuxièmement, ce synopsis plat est plein d’erreurs ». En avril 1947, Vladimir Nabokov, fraîchement naturalisé citoyen des États-Unis, subvenant aux besoins de sa famille en tant que respectable lépidoptériste et professeur de russe  excentrique, est clairement mécontent des épreuves de son premier roman américain.

Bien entendu, Nabokov pratiquait un anglais très fluide bien avant qu’il ne se rende aux États-Unis en 1940. Une série de puéricultrices et de gouvernantes anglaises avaient fait en sorte que le jeune aristocrate russe devienne, pour reprendre ses propres termes, « un enfant trilingue parfaitement normal ». Davantage, il avait soigné son anglais durant ses études à Cambridge. Pourtant, quand il franchit l’océan, les compétences de Nabokov en anglais étaient loin de celles qui avaient conduit Sirin à la notoriété. L’expérience de traduire lui-même en anglais son roman Camera Obscura en 1938 ne l’a pas libéré de ses doutes quant à son anglais. Un an plus tard, anticipant son départ pour un pays anglophone, il sollicite l’aide de locuteurs natifs pour écrire son premier roman en anglais : La vraie vie de Sebastian Knight (The Real Life of Sebastian Knight) – qui traite opportunément d’un écrivain anglais d’origine russe entre deux héritages culturels et linguistiques, « qui demeure finalement inconnu ». Sur le court terme, pas plus l’auto-traduction de Camera Obscura que la tentative d’écrire un roman en anglais ne génèrent l’intérêt d’un éditeur, en dépit des efforts de son agent américain. Nabokov revient donc au russe, mais à contrecœur et pour peu de temps…

IMAG7261_1.jpg

 

Getagged , , , , , , , , ,

Biopolitiek: nieuwe dichtbundel van de Russische dichter/activist Kirill Medvedev, te gast op Het Betere Boek te Gent

IMG_3890.jpg

Uitgeverij Leesmagazijn, die eerder de dicht- en essaybundel Alles is slecht publiceerde, heeft zonet een nieuwe bundel gedichten van de hedendaagse Russische dichter en activist Kirill Medvedev uitgebracht, onder de titel Biopolitiek, in mijn vertaling uit het Russisch.  De dichter komt over deze poëzie en zijn activisme op 14 oktober 2017 praten in Gent tijdens het literaire festival Het Betere Boek, dat dit jaar door curator Johan de Boose in het teken wordt gesteld van de 100ste verjaardag van de Russische Revolutie.

De blurb:

Kirill Medvedev begon aan de in Biopolitiek opgenomen gedichten te schrijven in de nasleep van de Arabische Lente, die even de hoop van de Russische activisten deed opflakkeren. Opvallend zijn de zwarte humor en het burleske. De lyrische ‘ik’, die in vorige bundels aan de zijlijn toekeek op het Russische maffiakapitalisme en het bijbehorende consumentisme, ontpopt zich tot een actieve geweldenaar. Het universum van de dichter lijkt grimmiger te worden naarmate Poetin bij zijn onderdanen de duimschroeven aandraait. De Russische criticus Aleksandr Skidan noemde het ‘een voor iedereen toegankelijk, democratisch straattheater, een blamage aan het adres van de sceptici die niet geloven in de haalbaarheid van het project van de zelfkritische, reflexieve en tegelijkertijd populaire linkse cultuur’. Voor deze dichtbundel ontving Medvedev de prestigieuze Andrej Belyj-prijs, waarvan het prijzengeld bestaat uit een roebel, een fles wodka en een appel.

Na zijn doorbraak als dichter in 2002 nam Kirill Medvedev (1975) stapsgewijs afstand van de Russische literaire wereld, om na een zelf opgelegd moratorium in 2011 een comeback te maken onder zijn eigen voorwaarden. Hij is de auteur van de dicht- en essaybundels Alles is slecht (2000), Invasie (2002), Teksten uitgegeven zonder medeweten van de auteur (2007), 3% (2007) en Lang leven, jong sterven (2011). Naast dichter is Medvedev de Russische vertaler van Charles Bukowski, Pier Paolo Pasolini, Victor Serge en van de neomarxistische theoretici Terry Eagleton en Michael Löwy. Hij is ook een activist van de Russische Socialistische Beweging, de drijvende kracht achter de Vrije Marxistische Uitgeverij en de leadzanger van de band Arkady Kots. In de zomer van 2017 nam zijn politieke engagement de vorm aan van kandidaatstelling voor de Moskouse gemeenteraadsverkiezingen.

Biopolitiek is verkrijgbaar in de betere boekhandel, de webshop van de uitgever of bol.com.

Getagged , , , , , , , , ,

De Manon Lescaut van Tourdeille is verschenen: een a-Sovjet-Russische novelle over liefde en oorlog

IMAG7245_1Mijn vertaling uit het Russisch van De Manon Lescaut van Tourdeille, een door de beroemde kunsthistoricus Vsevolod Petrov heimelijk onder Stalin geschreven novelle over liefde en oorlog, is zonet verschenen bij Leesmagazijn. Dit is de blurb:

Een hospitaaltrein reist van het ene front naar het andere. Een vreemde, tussentijdse toestand in het midden van de oorlog. Het verhaal verschijnt eerst aan ons als een utopie, of, om preciezer te zijn, als een idylle (wat natuurlijk een variëteit is van de utopie) midden in de oorlog. De oorlog als zone van utopische vrijheid en herstel van de natuurlijke toestand van de wereld – van menselijke gevoelens en verhoudingen.

“Het is een van de meest belangrijke en inhoudsvolle teksten van de twintigste-eeuwse Russische literatuur. Je zou kunnen zeggen dat het de sleutel is (of een van de sleutels, niet de enige sleutel, maar misschien wel de belangrijkste) tot het raadsel van de Russische cultuurgeschiedenis.” – Oleg Joerev

Vsevolod Petrov stamde uit een oud adellijk geslacht en was een groot kunstkenner. In 1949 werd het Russisch Museum echter gedwongen Vsevolod Petrov te ontslaan. Hij werd een ‘onafhankelijk literator’. De Manon Lescaut van Tourdeille bleef ongepubliceerd bij leven van de auteur en gedurende bijna drie decennia na zijn dood. Niet omdat Petrov van zijn novelle een geheim had gemaakt: hij toonde haar aan kennissen en las eruit voor op zijn beroemde verjaardagsfeesten, waarop talloze gasten aanwezig waren. Hij heeft het gewoon nooit aangeboden voor publicatie.

Lees hier de eerste pagina.

Je vindt een exemplaar van De Manon Lescaut van Tourdeille in de rekken van de betere boekhandel, of in de webshop van de uitgever (of bij bol.com als je weinig geduld hebt).

Getagged , , , , , , , , , , , , , , ,

Leesmagazijn bereidt Vsevolod Petrovs novelle De Manon Lescaut van Tourdeille voor

cover-manon-lowres Deze zomer verschijnt bij uitgeverij Leesmagazijn, die ook Alles is slecht van Kirill Medvedev uitgaf, mijn vertaling uit het Russisch van Vsevolod Petrovs De Manon Lescaut van Tourdeille. Kroniek van een liefde.

Het is een novelle over een arts die tijdens de Tweede Wereldoorlog is tewerkgesteld in een sanitaire trein van het Rode Leger. Hij maakt van de oorlog in volle Stalintijd gebruik om zijn eigen persoonlijke idylle te creëren. Dat doet hij door weg te vluchten in de achttiende eeuw. En ook in zijn verliefdheid op de kokette zuster Vera Moechina, die hij aanziet voor de reïncarnatie van het Franse personage Manon Lescaut.

De Manon Lescaut van Tourdeille werd kort na de Tweede Wereldoorlog geschreven, naar alle waarschijnlijkheid in 1946. De auteur, een gevierd kunsthistoricus, heeft het nooit ter publicatie aangeboden. Hij zag in dat de kloof met de officiële Sovjetliteratuur onoverbrugbaar was. Na zestig jaar in de lade gelegen te hebben, werd De Manon Lescaut van Tourdeille in Rusland ontdekt. Naar aanleiding van de publicatie roemde de emigré Oleg Joerev de novelle als ‘een sleutel tot het raadsel van de Russische cultuurgeschiedenis’. Wat hij daarmee bedoelt, lees je in het nawoord.

Bij wijze van voorsmaakje op de novelle, krijg je hier eerste regels:

De Russische schrijver en kunsthistoricus Vsevolod Petrov (1912-1979)Ik lag op een slaapbank, eigenlijk een brits, die in onze verwarmde wagon geïnstalleerd was. Links was er een muur, rechts lag mijn kameraad, Aslamazjan, gedetacheerd aan het militair hospitaal, net als ik. Achter hem lagen twee vrouwelijke artsen, en daarachter Levit, een apotheker. Aan de overzijde stonden dezelfde britsen, waarop ook lichamen lagen.

Beneden, onder de britsen, leefden de zusters. Dat waren ruwe meiden, voor het grootste deel achttien à twintig jaar oud. Ze kibbelden luid met elkaar en zochten ruzie met de bewoners van boven. Dan grepen ze een gitaar en in koor zongen ze alle mogelijke liederen. Op de stations knoopten ze bliksemsnelle romances aan met militairen van tegemoetkomende echelons.

Van bovenaf had ik een goed zicht op het midden van de wagon, waar het leven soepel zijn gangetje ging. Daar stond een ijzeren kachel, en allen dromden er rond samen met keteltjes. Daar lagen ook stapels brandhout, die tegelijk dienden als stoelen. Precies daar begonnen de ruzies. Iemand die naar zijn brits vertrokken was gold als afvallig van het strijdtoneel – verder dan dat viel niet weg te gaan. Als de weggegane zweeg en stil lag, dan beschouwde men hem min of meer als afwezig. Er kon zelfs op hem gefoeterd worden, zoals achter iemands rug. Daar werd geen aanstoot aan genomen. Ook om zich te verzoenen kwam men tevoorschijn bij de kachel: hier was de enige levende brandende stip in de enorme en doodse ruimte van vorst en sneeuw.

 

Getagged , , , , , ,